NIEUWSARCHIEF MEI 2013
Terug naar de homepage
 

Naar de homepage

MEI 2013
M
D
W
D
V
Z
Z
1
6
12
19
25
26
27

Maak uw keuze uit de hierboven getoonde lijst

VRIJDAG 31 MEI

Omhelzing Koning Willem-Alexander met luitenant-generaal b.d. Ted Meines

In Wageningen hebben aan het eind van de ochtend zo'n 10.000 bezoekers het Koninklijk paar warm onthaald tijdens een rondrit in een koets. Tijdens de toer passeerde de koets op de hoek Plantsoen-Walstraat een podium waarop de oude jeep stond waarmee wijlen Z.K.H. Prins Bernhard op 5 mei vaak heeft gereden.

Op de tribune langs het podium brachten, onder aanvoering van luitenant-generaal (titulair) buiten dienst Ted Meines, ongeveer veertig veteranen een eregroet aan Koning Willem-Alexander en Koningin MŠxima.

Ter hoogte van de veteranen stopte de koets waarin Zijne en Hare Majesteit werden rondgereden. Even spontaan als innig omhelsde de duidelijk verraste Koning Willem-Alexander de 94-jarige Meines. Volgens de burgemeester van Wageningen, Geert van Rumund, was dit: "Een mooi moment, om stil van te worden".

Foto luitenant-generaal b.d. Ted Meines met dank aan Rick Smulders!

Meines, een goede vriend van de in 2004 overleden Prins Bernhard, was jaren paradecommandant van het defilť op 5 mei. Hij ontmoette Prins Bernhard voor het eerst in 1945 in Engeland, toen hij daar in opleiding was. In de decennia na de oorlog groeide dit uit tot een vriendschap. Meines telefoneerde regelmatig met Bernhard en bezocht hem in paleis Soestdijk. Op 5 mei 2005 heeft Meines - toen nog kroonprins - Willem-Alexander bijgestaan bij het eenmalig afnemen van het defilť in de Stad der Bevrijding.

Een zeer pijnlijke miskleun over prachtige moment verscheen in de Gooi & Eemlander, het Haarlems Dagblad en het Leidsch Dagblad. Deze kranten afficheerden ‘veteraan der veteranen’ Ted Meines in hun berichtgeving als ‘Nepgeneraal steelt de show’.

Op Twitter reageerde Laurens van Aggelen, hoofdbestuurslid van de Bond van Wapenbroeders, hier zeer terecht op. Hij vond de berichtgeving pijnlijk omdat “Meines voor ons een zeer gewaardeerd erelid is van onze vereniging. Iemand die velen inspireert.” Minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert beantwoorde de Van Aggelens tweet met: “Absoluut We sturen een briefje!”

Terug naar Boven of naar Homepage

 

DONDERDAG 30 MEI

Kolonel Hans Damen Beste Ambtenaar van 2013

Kolonel Hans Damen is door de jury van PM Public Mission, vakblad voor ambtenaren, uitgeroepen tot winnaar van de PM Top 100 en daarmee tot beste ambtenaar van 2013.

De kolonel werd door een deskundige jury verkozen uit 14 finalisten. De vakjury bestond onder meer uit de oud-ministers Liesbeth Spies en Winnie Sorgdrager en Fred Crone, de burgemeester van Leeuwarden. Secretaris-generaal Erik Akerboom, de hoogste ambtenaar van het Ministerie van Defensie, reikte de prijs vandaag uit aan Damen.

Kolonel Damen krijgt de titel vanwege de persoonlijke en menselijke wijze waarop hij een reorganisatie uitvoert en vanwege zijn openheid van werken, onder andere via sociale media. “Damen zoekt de grenzen op, pioniert met sociale media in de van oudsher gesloten omgeving van Defensie en hij durft binnen de strijdkrachten een tegendraads geluid te laten horen. Hij staat voor transparantie en openheid, dat maakt dat wij vinden dat hij excelleert’, aldus het jurycommentaar.

De commandant van het Materieel Logistiek Commando van de Koninklijke Landmacht is zeer actief op de sociale media Twitter, Facebook en LinkedIn: “Ik vind het belangrijk dat de maatschappij weet wat Defensie nou eigenlijk doet. Het goede werk wat we doen, moeten we meer laten zien.”

Het is de derde keer dat PM Public Mission de verkiezing van de honderd beste ambtenaren heeft georganiseerd.

Voor het eerst gaat de titel Beste Ambtenaar naar een medewerker van het Rijk. Vorig jaar ging Renate Westdijk van de gemeente Leeuwarden er met de prijs vandoor en in 2011, de eerste editie, won Ganna van Bijleveld van Bureau Jeugdzorg Agglomeratie Amsterdam.

Winnaar Hans Damen krijgt een studie bij het opleidingsinstituut PBLQ aangeboden.

Vorig jaar won projectmanager Renate Westdijk van de gemeente Leeuwarden de verkiezing en de eerste editie kwam op naam van gezinsmanager Ganna van Bijleveld (Bureau Jeugdzorg Agglomeratie Amsterdam).

Terug naar Boven of naar Homepage

Minister wil aantal reservisten uitbreiden

Minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert schreef gisteren aan de Tweede Kamer dat Defensie het aantal reservisten de komende jaren wil uitbreiden.

Als eerste stap in de verdere intensivering van het reservistenbeleid zal de bewindsvrouw in het derde kwartaal van dit jaar breed een discussiestuk verspreiden waarin de hoofdlijnen en de beschrijving van een aantal kansrijke gebieden zijn uitgewerkt. Uiteindelijk neemt de minister tot 2020 om de plannen voor elkaar te krijgen.

De Minister van Defensie wil:

► militairen die de krijgsmacht verlaten aan zich binden als reservist en zo kennis behouden;

► dat reservisten door beroepsmilitairen als ‘volwaardige partner’ worden gezien;

► meer functies en opleidingen openstellen voor reservisten;

► de meerwaarde van de reservist beter voor het licht brengen, waardoor hun kansen op de arbeidsmarkt vergroten;

► dat werkgevers het aannemen van reservisten beschouwen als “maatschappelijk verantwoord ondernemen”;

► dat een uitzending als reservist “minimaal dezelfde waarde” heeft als “een cursus of managementtraining”.

Volgens Hennis-Plasschaert is het aanpassingsvermogen van de Nederlandse krijgsmacht van steeds groter belang voor een optimale taakuitvoering. Een flexibel personeelsbestand zou daar niet alleen goed op aansluiten, maar ook de operationele ambitie waarborgen in een tijd waarin vele middelen worden wegbezuinigd.

Reservisten zijn in hun dubbelfunctie als burger en militair bij uitstek geschikt om als ambassadeur voor de krijgsmacht op te treden en zo het draagvlak voor Defensie te vergroten onder de bevolking.

Sinds 2009 zijn er 361 reservisten ingezet bij vredesoperaties, van wie 136 (ruim éénderde) medische specialisten van het Instituut samenwerking Defensie en Relatieziekenhuizen (IDR).

Op 1 januari 2013 waren er 4.093 reservisten geplaatst bij Defensie, verdeeld over de verschillende Operationele Commando's.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

WOENSDAG 29 MEI

Nederlandse krijgsmacht zoekt naar cyberwapen

In de regionale dagbladen van Wegener Media vandaag een interview met kolonel ir. Hans Folmer, commandant van de Task Force Cyber bij de Defensiestaf en verantwoordelijk voor het optuigen van de organisatie van het Defensie Cyber Commando (DCC).

De Nederlandse regering gaf Folmer vorig jaar opdracht de Nederlandse krijgsmacht voor te bereiden op digitale oorlogsvoering. Ondanks de bezuinigingen op Defensie is Ä 50 miljoen vrijgemaakt voor de Task Force Cyber.

De oprichting van het DCC – dat onder andere verantwoordelijk is voor het beveiligen van de Nederlandse communicatie- en wapensystemen, de ontwikkeling van het militaire vermogen om cyber operations uit te voeren en het maken van cyberwapens - is voorzien voor eind volgend jaar.

Volgens Folmer werkt Defensie aan een cyberwapen zodat ook Nederland straks mee kan hacken als het oorlog is: “Vroeger leerde ik van mijn docenten dat je als aanvallende partij eigenlijk altijd drie keer zoveel mensen nodig had als de verdedigende partij. Maar nu, in cyberspace, is de aanvaller altijd in het voordeel. Hij hoeft maar ťťn klein gaatje in je verdediging te vinden en is binnen. Terwijl jij er voor moet zorgen dat al die systemen die je gebruikt helemaal dicht zijn.”

In de krant vervolgt de 'cyberkolonel': “In cyberspace kun je geen alleenheerser zijn. In een luchtoorlog kun je volledige controle hebben over je tegenstander, dat is in cyber lastig. Zelf veilig zijn, is het belangrijkst. Aanvallen komt daarna.”

Vanmiddag debatteerde de Vaste commissie voor Veiligheid & Justitie (V&J) van de Tweede Kamer in een Algemeen Overleg met minister Ivo Opstelten over cyber security, Responsible Disclosure e.d. Responsible Disclosure is een leidraad voor (vitale) organisaties en overheden voor het vaststellen van een beleid voor het op verantwoorde wijze openbaar maken van ICT-kwetsbaarheden in informatiesystemen en softwareproducten.

Het debat vond plaats naar aanleiding van een reeks internationale incidenten en Distributed Denial-of-Service aanvallen (DDoS-aanvallen) bij de overheid. DDoS-aanvallen zijn pogingen om een computer(netwerk) of dienst onbruikbaar te maken voor de gebruiker.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

DINSDAG 28 MEI

Duitsland en Nederland intensiveren Defensiesamenwerking

Duitsland en Nederland hebben vanmiddag in Berlijn een Declaration of Intent (DoI) met betrekking tot intensivering van de Defensiesamenwerking tussen beide landen getekend.

Hiervoor reisde de Nederlandse bewindsvrouw, Jeanine Hennis-Plasschaert, naar de Duitse hoofdstad voor een ontmoeting met Bundesminister der Verteidigung Thomas de Maizière.

Naast het ondertekenen van de intentieverklaring, bespraken De Maizière en Hennis-Plasschaert de situatie in SyriŽ, de gezamenlijke operaties in Turkije en Afghanistan en de politietrainingsmissie in de Afghaanse provincie Kunduz.


Volgens Hennis-Plasschaert gaat de samenwerking tussen het Nederlandse en het Duitse leger hiermee naar een "ongekend niveau van integratie.” Op de Berlin Strategy Conference – een initiatief van een belangenorganisatie voor de Duitse Defensieindustrie – zei ze dat dit inhoudt “dat de behoeftes, procedures, onderwijs en training worden geharmoniseerd.”

Ook sprak ze over het grote belang van meer Europese militaire samenwerking: “Niet alleen laat de financiŽle crisis ook de komende jaren zijn sporen na. Maar ook om te voorkomen dat Europa irrelevant wordt en om de Verenigde Staten als onmisbare veiligheidspartner te behouden. Om al deze redenen is het zaak dat we meer verantwoordelijkheid nemen voor onze eigen veiligheid. We moeten ons deel bijdragen, inclusief de risico's, en dat kan alleen door samenwerking.”

Tot slot hield de bewindsvrouw haar publiek voor dat er geen Europese krijgsmacht of NAVO-leger komt: “Wat we wel nodig hebben is moed, leiderschap en betrokkenheid op de lange termijn. Dit vraagt om politieke ťn militaire samenwerking. Je hebt legers nodig die volgens dezelfde standaarden opereren en militaire leiders die elkaar kennen. Ik moet zeggen dat onze krijgsmacht zich hier al opvallend goed bewust van is. De meeste obstakels vinden we op politiek niveau. Daarom ook beschouw ik deze intentieverklaring van het allergrootste belang.”

De Duits-Nederlandse afspraken houden onder andere in dat 11 Luchtmobiele Brigade (11 LMB) per 1 januari 2014 zal worden samengevoegd met de Duitse parachutisten van Luftlandebrigade 1 in de op die datum op te richten Duitse Division Schnelle Kršfte (DSK). Een gemeenschappelijk stafelement gaat de eenheid vanuit Duitsland aansturen.

In de DoI is ook het plan opgenomen om 1 (German/Netherlands) Corps in Münster – een samenwerkingsverband dat sinds 1995 bestaat – verder te ontwikkelen binnen de nieuwe NATO Forces Structure tot een Joint Task Force Headquarters Land (JTF HQ L)/Joint Command and Control Capability (JC2C). Op CDS-niveau is onlangs het streven overeengekomen dit JTF HQ L in 2017 aan te bieden voor het Long Term Rotation Plan (LTRP) van de NAVO.

In het LTRP staat 1GNC overigens ook ingeroosterd als Land Component Commander (LCC) in 2015. HQ 1(GE/NL) Corps was HQ LCC NRF-10 in de eerste helft van 2008.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

VRIJDAG 24 MEI

Verbod luchtfotografie Defensieobjecten opgeheven

Het Ministerie van Defensie meldt dat het vanaf 1 juni a.s. niet meer strafbaar is om Defensieobjecten vanuit de lucht op foto of video vast te leggen. Hiervoor is bovendien geen vergunning meer nodig, omdat op die datum het Besluit Luchtfotografie vervalt.

Het Koninklijk Besluit (KB) Luchtfotografie van 1 september 1959 bepaalde dat “het zonder vergunning van de Minister van Defensie verboden is om boven Nederlands rechtsgebied beeldopnameapparatuur mee te nemen in een luchtvaartuig en om te fotograferen vanuit een luchtvaartuig.”

Hiermee werd voorkomen dat buitenlandse mogendheden zich vanuit de lucht een beeld konden vormen van de aanwezigheid en omvang van de krijgsmacht, zodat het risico op spionage werd verkleind.

De Sectie ABDO (Algemene Beveiligingseisen voor Defensieopdrachten)/Luchtfotografie van het Ministerie van Defensie* verleende de vergunningen voor een bepaalde tijd aan bedrijven, instellingen en particulieren. Bij toestemming verstrekte de MIVD een kaart van Nederland met gebieden waar het niet is toegestaan te vliegen (restrictiegebieden).

Behalve het kunnen overleggen van een geldige vergunning, moest de maker de gemaakte opnamen ter controle aanbieden aan dezelfde MIVD-sectie, om na te gaan of opnamen waren gemaakt boven of in de nabijheid van een restrictiegebied (Defensieobjecten).

Inmiddels is het besluit achterhaald, omdat de techniek door onder meer ontwikkelingen op het gebied van satellietfotografie flink is voortgeschreden. Met online aangeboden programma's als Google Earth en Maps (beiden van Google) en Bing Maps (van Microsoft, voorheen Virtual Earth) kan tegenwoordig iedereen satellietbeelden van Nederland bestuderen.

Omdat het besluit hiertegen “geen enkele bescherming” biedt, wordt het ingetrokken. Daarnaast is de functie van het KB in de loop der jaren in belang afgenomen door de verminderde militaire dreiging. De aanwezigheid van de krijgsmacht in Nederland is bovendien steeds transparanter geworden, bijvoorbeeld door de organisatie van Landmachtdagen.

Het fotograferen van Defensieobjecten vanaf de grond blijft overigens verboden, tenzij het gaat om objecten die vanaf de openbare weg te zien zijn – wegen die, volgens de Wegenwet, "voor een ieder toegankelijk” zijn. Voor het fotograferen op militaire locaties wordt de regelgeving, zoals die is beschreven in de Defensie Beveiligingsbeleid Uitvoeringsbepaling (DBB UB) C/006, gehandhaafd.

Een woordvoerder van het Ministerie van Defensie benadrukt dat het opheffen van het verbod andere regelgeving in stand laat, zoals de Luchtvaartwet of de Wet bescherming persoonsgegevens.

*De Sectie ABDO (Algemene Beveiligingseisen voor Defensieopdrachten)/Luchtfotografie, Bureau Industrieveiligheid, Afdeling Contra- Inlichtingen en Veiligheid van de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

DONDERDAG 23 MEI

Functieoverdracht krijgsmachtadjudant

Op de Koningin Beatrixkazerne In Den Haag heeft vanmiddag de functieoverdracht plaatsgevonden van de krijgsmachtadjudant. Stafadjudant Ron Boer van de Koninklijke Luchtmacht aanvaardde de opvolging van de functie die stafadjudant Marinus Dunnewind tot vandaag bekleedde.

Dunnewind, van de Koninklijke Marechaussee, bekleedde de functie vanaf 7 mei 2010. Ron Boer, sinds 1978 werkzaam bij Defensie, was hiervoor vanaf augustus 2011 de adjudant van het Commando Luchtstrijdkrachten (CLSK).

Boer, de vijfde krijgsmachtadjudant sinds de instelling van de functie op 1 september 1996, is de eerste stafadjudant van het CLSK die de hoogste onderofficiersfunctie binnen Defensie vervult.

Ten overstaan van vele hoogwaardigheidsbekleders, zoals Angelien Eijsink, Ybeltje Berckmoes-Duindam en Sultan Günal-Gezer van de Vaste Kamercommissie van Defensie, krijgsmachtdeeladjudanten, overige stafadjudanten en genodigden nam de CDS, generaal Tom Middendorp, de nestel in van de aftredende Marinus Dunnewind om deze uit te reiken aan de aantredende Ron Boer.

Generaal Middendorp hing de goud-Nassaus blauwe nestel met goudkleurige nestelpennen – de zichtbare onderscheiding van de krijgsmachtadjudant – om de linkerschouder van de nieuwe krijgsmachtadjudant.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

WOENSDAG 22 MEI

Duitse inlichtingendienst: positie Assad sterker

De Bundesnachrichtendienst (BND), de Duitse inlichtingendienst buitenland, verklaart vandaag dat volgens waarnemers de militaire situatie van het regime van de Syrische president Bashar al-Saddad aanzienlijk is verbeterd. Omdat het Syrische regeringsleger weer aanvoerroutes voor wapens en brandstof in handen heeft, is zij vermoedelijk in staat om door de opstandelingen bezet gebied te heroveren.

Het gebied tussen de hoofdstad Damascus, de stad Homs in het westen en de kuststrook is weer in handen van Assads troepen, de opstandelingen zijn verdreven uit de voorsteden van Damascus en hun aanvoerlijnen naar het zuiden en westen afgesneden.

Binnen de gelederen van de opstandelingen heerst chaos, onder andere omdat verschillende facties onderling om de macht strijden, de toevoer van wapens nagenoeg stil ligt, gewonden niet kunnen worden afgevoerd en nieuwe strijders de troepen niet meer kunnen bereiken.

De mededeling van de BND sluit naadloos aan bij de verklaring van de Amerikaanse Minister van Buitenlandse Zaken John Kerry dat Assad's troepen sterker zijn geworden dankzij de aanwezigheid van enkele duizenden leden van de door Iran gesteunde sjiitische Hezbollah-militie uit Libanon.

Terwijl de BND in de herfst van 2012 nog de snelle ondergang van Assad voorspelde – bij gebrek aan wapens en brandstof en door talloze deserterende militairen - verwacht BND-directeur Gerhard Schindler nog dit jaar een succesvol tegenoffensief van Assad-getrouwen. Hierbij zouden de opstandelingen, met behulp van Hezbollah, in het zuiden van SyriŽ kunnen worden verslagen. In dit scenario houden de opstandelingen alleen het noorden in handen, waar vooral de Koerden macht uitoefenen.

De hernieuwde positie van Assad verklaart mogelijk waarom hij niets ziet in een vredesconferentie. Begin juni willen Rusland en de Verenigde Staten onder auspiciŽn van de VN in GenŤve een dergelijke conferentie over SyriŽ organiseren.

De VS en Rusland hebben beiden motieven om de huidige status quo in SyriŽ te behouden: Rusland vreest de aftocht van een relatief betrouwbare bondgenoot in het Midden-Oosten, terwijl de VS juist beducht is op het verdwijnen van de status quo in de regio.

IsraŽl heeft eerder al aangegeven zich niet te mengen in SyriŽ zolang haar eigen veiligheid niet wordt geschaad. Turkije, dat de sterke positie van de Koerdische opstandelingen aan de overzijde van haar zuidgrens met lede ogen aanziet, vertrouwt vooralsnog voldoende op de steun van haar NAVO-bondgenoten.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

DINSDAG 21 MEI

11 Luchtmobiele Brigade onder commando nieuwe Duitse Division Schnelle Kršfte

11 Luchtmobiele Brigade (11  LMB) komt vanaf 1 januari 2014 onder Duits commando. Nederland zal de samenwerking met de oosterburen uitbreiden, ook vanwege ingrijpende bezuinigingen.

Dit is vandaag bekendgemaakt bij de commando-overdracht van de Duitse Division Spezielle Operationen in Stadtallendorf (Hessen), van brigadegeneraal Volker Bescht aan ranggenoot Reinhardt Zudrop. Hierbij was ook de commandant van 11 Luchtmobiele Brigade, brigadegeneraal Nico Geerts, aanwezig.

Minister van Defensie Hennis-Plasschaert zal volgende week in Berlijn een intentieverklaring over de samenwerking tekenen.

Van links naar rechts de logo’s van de (DEU) Division Luftbewegliche Operationen, 1. (DEU) Luftbewegliche Brigade en 11 (NLD) Luchtmobiele Brigade.

Volgens ingewijden is het samenvoegen van de brigade met de Duitse parachutisten van Luftlandebrigade 1 onder eenhoofdige leiding van de nieuwe Division Schnelle Kršfte (Div SchnKr of DSK) op termijn goedkoper. Gezamenlijk kunnen transport- en/of gevechtshelikopters worden aangeschaft, personeel uitgewisseld, gemeenschappelijke oefeningen worden gehouden en opleidingen gevolgd.

Het samenwerkingsverband betekent niet dat de drie luchtmobiele infanteriebataljons en haar gevechts(verzorgings)steuneenheden de kazernes in Schaarsbergen en Assen zullen verlaten.

De Duitse Division Schnelle Kršfte, met haar hoofdkwartier in Stadtallendorf, zal op diezelfde datum officieel in dienst treden. Het is een gevolg van de herstructurering van de Bundeswehr in het algemeen (HEER2011) en de herindeling van de Division Spezielle Operationen (DSO) met delen van de Division Luftbewegliche Operationen (DLO) in het bijzonder.

Voor het eerst in de geschiedenis van de Bondsrepubliek Duitsland zal een Nederlandse eenheid in de Duitse strijdkrachten geÔntegreerd worden.

11 Luchtmobiele Brigade, in het Duits: 11. Luftbewegliche Brigade, telt Ī 4.500 militairen. De nieuwe Duitse divisie telt, behalve 8.600 Duitse militairen, ook Eurocopter Tiger gevechtshelikopters en NH-90 transporthelikopters. Naast parachutisten omvat de binationale divisie ook Duitse Special Forces. Nu nog hebben alleen de Verenigde Staten en Groot-BrittanniŽ vergelijkbare militaire eenheden.
 
Enigszins vergelijkbaar met 11 LMB, de Luftbewegliche Brigade 1, wordt ook onderdeel van de Division Schnelle Kršfte en is gestationeerd in de Georg–Friedrich–Kaserne in Fritzlar (Hessen), Ī 300 km ten oosten van Schaarsbergen. Luftbewegliche Brigade 1 bestaat uit een Stabskompanie, Transporthubschrauberregiment 10 (Faßberg), Kampfhubschrauberregiment 26 (Roth) en Kampfhubschrauberregiment 36 (Fritzlar).

Terug naar Boven of naar Homepage

Ann Pauwels over VN-operaties en Srebrenica

Ann Pauwels, hoogleraar politieke wetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel, stelt vanavond in Hotel De Wereld in Wageningen de kernvragen 'Wie is aansprakelijk voor het optreden van VN-blauwhelmen? En draagt de Srebrenica-zaak bij tot een nieuwe aanpak?

De themabijeenkomst, die wordt georganiseerd door de Stichting ‘Nationaal Erfgoed Hotel De Wereld’, begint om 20:00 uur.

Twee jaar geleden werd Nederland aansprakelijk gesteld voor de dood van drie moslimmannen die na de val van Srebrenica in juli 1995 hun toevlucht hadden gezocht tot de compound van de Nederlandse blauwhelmen. De Dutchbat-militairen maakten deel uit van de United Nations Protection Force (UNPROFOR).

De Nederlandse regering, die van oordeel is dat niet Nederland maar de Verenigde Naties hiervoor aansprakelijk zijn, besloot in cassatie te gaan tegen de uitspraak. De Advocaat-generaal adviseerde op 3 mei jl. echter de Hoge Raad der Nederlanden de cassatie te verwerpen.

Voorlopig is de uitspraak van de Hoge Raad bepaald op 6 september a.s. Ook daarmee zal het laatste woord over het optreden van de Nederlandse militairen in de enclave Srebrenica niet zijn gezegd. In Ann Pauwels presentatie wordt ingegaan op vredesoperaties en het aansprakelijkheidsregime voor de Verenigde Naties en de concrete toepassing en interpretatie in de context van VN-vredesoperatie.

In 2010 publiceerde Pauwels, samen met Francis Baert en Stefaan Smits, bij uitgeverij Acco Langs de vuurlijn. De Verenigde Naties en gewapende conflicten (ISBN 9789033482038, 264 pagina's). Het boek bevat bijdragen van verschillende specialisten over de rol van de Verenigde Naties bij het oplossen van conflicten.

Vanaf 19:30 uur is de Capitulatiezaal in het hotel geopend. De toegang is gratis en opgeven is mogelijk via hotel-dewereld@planet.nl Hotel De Wereld is gevestigd aan het 5 Mei Plein in Wageningen en per auto gemakkelijk bereikbaar vanaf de snelwegen A12, A15 en A50.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

MAANDAG 20 MEI

Honingbijen kunnen ongeŽxplodeerde landmijnen opsporen

Kroatische wetenschappers van de Universiteit van Zagreb hebben aangetoond dat honingbijen in staat zijn om ongeŽxplodeerde landmijnen op te sporen.

Als honingbijen worden getraind om voedsel te associŽren met de geur van explosieven, verzamelen de insecten zich op plaatsen waar landmijnen verborgen zijn.

Professor Nikola Kezić van de Agronomski Fakultet (Landbouwfaculteit) van de Universiteit van Zagreb is bijenexpert en sinds 2007 bezig met zijn project. Hij heeft door middel van diverse experimenten bewezen dat bijen in staat zijn om explosieven te detecteren.


Bijen die van jongs af aan waren getraind om voedsel te associŽren met de geur van TNT, toonden een sterke voorkeur voor suiker waaraan het explosief was toegevoegd. De bijen verzamelden zich vooral bij de suiker-met-TNT en veel minder in de buurt van pure suikeroplossingen.

Kezić is uiteindelijk van plan om de getrainde bijen los te laten in voormalige oorlogsgebieden waar nog mijnen kunnen liggen. Hittegevoelige camera's zouden de bewegingen van een zwerm bijen in de gaten moeten houden, zodat kan worden gedetecteerd wanneer de bijen zich verzamelen in de buurt van een mogelijk ongeŽxplodeerde landmijn.

Het project van de Kroatische wetenschappers wordt gesponsord door de EU en heet TIRAMISU (Toolbox Implementation for Removal of Anti-personnel Mines, Submunitions and UXO)

Volgens de wetenschappers zou de techniek vooral van pas komen in mijnenvelden die al door mensen zijn doorzocht en veilig zijn verklaard. Bijen zouden in deze gebieden explosieven kunnen opsporen die over het hoofd zijn gezien.

KroatiŽ onderzoekt de mogelijkheid om bijen grootschalig in te zetten. In het land, dat op 1 juli a.s. lid wordt van de Europese Unie, is nog een gebied van naar schatting 750 km² bezaaid met mijnen uit de Balkanoorlog uit de jaren ‘90.

Tijdens de vierjarige oorlog werden alleen al in KroatiŽ Ī 90.000 landmijnen verspreid, meestal willekeurig en zonder gebruikmaking van kaarten.

Elders in de wereld worden ook honden en ratten als mijnenzoekers ingezet, maar die kunnen in tegenstelling tot bijen, door hun gewicht het ontstekingsmechanisme van een mijn activeren.

Het is niet de eerste keer dat onderzoekers met bijen experimenteren. Amerikaanse onderzoekers gingen de Kroaten voor, maar bij dat onderzoek werd geen rekening gehouden met TNT - het explosief dat in de Balkanoorlog het vaakst werd gebruikt. De geur van TNT vervliegt snel en na verloop van tijd blijven slechts minieme sporen over.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

ZATERDAG 18 MEI

Newyorkse onderzoekers: tekort aan anandamide bij PTSS

Huup Dassen haalt in het artikel ‘Geheugenwisser faalt bij PTSS, waardoor akelige herinnering blijft’ in de bijlage Wetenschap van NRC Handelsblad aan dat bij mensen met het posttraumatisch stresssyndroom (PTSS) de herinnering aan een schokkende ervaring vaak levendig aanwezig blijft.

Een groep van 15 onderzoekers uit New York stelden op 14 mei jl. in het artikel ‘Elevated brain cannabinoid CB1 receptor availability in post-traumatic stress disorder: a positron emission tomography study’ in het tijdschrift Molecular Psychiatry dat dit samengaat met een tekort aan de neurotransmitter anandamide. Dat stelden zij vast bij het maken van PET-scans van de hersenen van 25 patiŽnten met PTSS.

Anandamide is een lichaamseigen, cannabisachtige stof. Om zijn kalmerende signalen door te geven bindt anandamide zich in de hersenen aan de cannabinoÔde-1-receptor (CB1). Het gehalte hiervan is bij mensen die lijden aan PTSS 15 ŗ 20% meer dan normaal in hun hersenen. Het onderzoeksresultaat wekt de indruk dat een abnormale hoeveelheid CB1 een veroorzaker kan zijn van PTSS.

Het is bekend dat anandamide een centrale rol speelt bij het uitwissen van onaangename herinneringen. De ontdekking van het anandamide-tekort maakt tevens duidelijk waarom PTSS-patiŽnten vaak baat hebben bij cannabis. De werkzame stof tetrahydrocannabinol (THC) in cannabis bindt aan de CB1-receptoren en neemt tijdelijk de rol van anandamide over.

Geneesmiddelen tegen PTSS zijn er niet, maar patiŽnten krijgen dikwijls antidepressiva of anxiolytica – medicijnen die angsten dempen. Het effect van deze medicatie is echter niet overtuigend. De Newyorkse onderzoekers denken nu dat patiŽnten met PTSS meer baat hebben van middelen die het anandamide-gehalte herstellen.

PTSS kan ontstaan na doorgemaakte oorlogsverschrikkingen, seksueel misbruik, geweldsmisdrijven, ongelukken en natuurrampen. Ongeveer 1 op de 5 Amerikaanse militairen heeft last van PTSS.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

VRIJDAG 17 MEI

De Telegraaf: ‘Militair in spe te slap voor leger’

Roy Klopper bericht in De Telegraaf dat van de 5.500 jonge ROC-leerlingen die jaarlijks worden klaargestoomd voor een militaire loopbaan, 25% vlak voor de overstap naar de krijgsmacht niet voldoet aan de fysieke eisen die Defensie stelt.

Conditie en kracht van een kwart van de jongeren vanaf 15 jaar die de krijgsmachtopleiding Veiligheid en Vakmanschap volgen op de negen Regionale Opleidingscentra in ons land, laten sterk te wensen over.

Om de leerlingen te helpen introduceerde Minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert gisteren nog VeVaFit, een nieuwe app voor de mobiele telefoon.

Met VeVaFit kunnen verschillende sportoefeningen die tijdens de opleiding Veiligheid & Vakmanschap aan bod komen, worden beoefend.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

DONDERDAG 16 MEI

Vooralsnog géén Elfstedenkruisje voor militairen

Hoewel het Elfstedenkruisje sinds 14 december 2012 door de Kanselarij der Nederlandse Orden als officiŽle onderscheiding is erkend, mogen militairen de medaille voorlopig niet dragen.

Hoewel de schaatsmedaille door Minister van Buitenlandse Zaken Ronald Plasterk is erkend als officiële onderscheiding, is het Ministerie van Defensie vooralsnog niet van plan de onderscheidingsregels te veranderen.

Het wachten is op de nieuwe voorschriften van de Kanselarij der Nederlandse Orden, die beslist over Koninklijke onderscheidingen.

Misschien neemt Defensie het Elfstedenkruisje later op in het aan militairen opgedragen Besluit Draagvolgorde Onderscheidingen van het Ministerie van Defensie. Daarna zal ook het voorschrift Tenuen voor militairen worden aangepast.

Bij zijn inhuldiging op 30 april jl. droeg Koning Willem-Alexander het Elfstedenkruisje. Op 26 februari 1986 voltooide hij, 18 jaar jong, de 200 km lange schaatstocht door Friesland onder het pseudoniem W.A. Van Buren.

Het Elfstedenkruisje wordt uitgereikt door de Koninklijke Vereniging De Friesche Elf Steden. Het bestaat uit een medaille in de vorm van een Maltezer kruis met in het midden een cirkelvorm met het wapen van de provincie Friesland en het opschrift 'De Friesche Elf Steden'

Terug naar Boven of naar Homepage

 

WOENSDAG 15 MEI

Koning opent gerenoveerd Ministerie

Zijne Majesteit Koning Willem-Alexander heeft vandaag het gerenoveerde Ministerie van Defensie, het zogeheten Plein-Kalvermarktcomplex, in Den Haag geopend. De Koning kreeg een rondleiding door de vernieuwde gebouwen van de Minister van Defensie, Jeanine Hennis-Plasschaert.

Het oorspronkelijke complex is gebouwd tussen 1938 en 1980 – een uitbreiding van het oude gebouw van het ministerie aan het Plein in Den Haag, waar in 1820 het Departement van Oorlog werd gehuisvest.

Van 2009 tot 2012 is het Plein-Kalvermarktcomplex gerenoveerd om aan de moderne eisen te voldoen. Nu de renovatie van het Plein Kalvermarktcomplex gereed is, zal de Bestuursstaf er worden geconcentreerd. De gehele Nederlandse krijgsmacht wordt vanuit deze locatie aangestuurd, zowel wat betreft de bedrijfsvoering als de missies waarbij militairen zich wereldwijd inzetten voor vrede en veiligheid.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

DINSDAG 14 MEI

Defensie stoot locaties af en verhuist

Het Ministerie van Defensie stoot locaties af, verhuist delen van de organisatie en plant investeringen in vastgoed. Bij de op te doeken locaties gaat het om kazernes, oefenterreinen, 25 munitiebunkers en opslaglocaties voor zwaar materieel. De verkoop zal, buiten de opbrengst van het verkochte vastgoed, een besparing moeten opleveren van ruim € 5 miljoen per jaar.

Dit staat in het vandaag verschenen Herbeleggingsplan Vastgoed Defensie fase 2b van Minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert. Het plan is gebaseerd op de op 8 april 2011 aangekondigde bezuinigingen bij Defensie onder het kabinet Rutte 1.

De meest opvallende zaken zijn:

► Door de reorganisatie van het Centrum voor Mens en Luchtvaart wordt de locatie in Soesterberg vanaf 2014 beschikbaar voor afstoting.

► De Drentse oefenterreinen Oudemolen (21,9 hectare) en Dijkveld (15,7 hectare) worden afgestoten.

► Het Marine Etablissement Amsterdam (MEA) op Kattenburg wordt afgestoten. Na de zomer start de herontwikkeling ten behoeve van een openbare bestemming. Hoewel Defensie grotendeels vertrekt, blijft de historie van het 17 hectare grote gebied - sinds begin 17de eeuw in gebruik door en eigendom van de marine en voorheen de locatie van de Admiraliteit van Amsterdam - behouden.

► Het Instituut Defensie Geneeskundige Opleidingen (IDGO) en het Kennis- en Trainingscentrum Geneeskundige Dienst (KTC Gnkd), nu beiden gevestigd in Hilversum, verhuizen gefuseerd naar de Generaal Spoorkazerne in Ermelo. Hiermee komt de Korporaal van Oudheusdenkazerne in Hilversum vrij. "De verdere concentratie van opleidingen in Ermelo biedt mogelijkheden tot verdergaande doelmatigheid doordat ondersteunende functies kunnen worden gecombineerd."

Defensie blijft streven naar afstoting van de Vliegbasis Eindhoven, maar "bij gebrek aan een concreet perspectief daarop blijft de luchthaven in ieder geval tot 2020 militair."

In het kader van het project Herinrichting Defensie Munitieketen zal het Munitie Magazijn Complex (MMC) in Ruinen (Hoogeveen) worden geïntegreerd in de locatie Veenhuizen en vervolgens worden afgestoten. Het betreft 46,4 hectare.

► Als gevolg van de herinrichting van het Defensie Bedrijf Grondgebonden Systemen (DBGS) en de concentratie van dynamische voorraad voor het onderhoud van landsystemen, kan medio 2016 het Logistiek Complex Steenwijk ter grootte van 6,8 hectare worden gesloten en afgestoten.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

MAANDAG 13 MEI

Koreaanse Volksleger heeft nieuwe Minister van Defensie

In een bijzin in een bericht van het Noord-Koreaanse staatspersbureau Korean Central News Agency (KCNA) is de benoeming van generaal Jang Jong Nam tot nieuwe Minister van Defensie van de Volksrepubliek Korea gemeld. Het Zuid-Koreaanse persbureau Yonhap wist slechts te melden dat Jang “in de 50” is.

KCNA meldde dit in gisteren in een bericht over het bezoek van de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un en zijn vrouw Ri Sol-ju aan een voorstelling van het ensemble van de binnenlandse veiligheidsdiensten.

Het is de eerste machtswissel van de Minister van het Koreaanse Volksleger sinds Kim Jong-un aan de macht is.

Scheidend Minister van Defensie Kim Kyok-sik, die sinds november 2012 in functie is geweest, was een regelrechte havik tegenover Zuid-Korea en de Verenigde Staten. Zo zou hij in 2012 de leiding hebben gehad over een serie beschietingen van het Zuid-Koreaanse schiereiland Yeonpyeong. Hierbij kwamen vier Zuid-Koreanen om het leven.

Jang Jong Nam treedt aan als Minister van Defensie na een periode van verhoogde spanningen tussen de beide Korea’s. Jangs benoeming kan een voorteken zijn dat Pyongyang een minder agressieve koers wil varen en diplomatie meer kans wil geven.

Ook is het mogelijk dat de machtswisseling te maken heeft met de inspanningen die Kim Jong-un voert om zijn greep op het Defensieapparaat te verstevigen. Kim Jong-un is voorzitter van de Nationale Defensie Commissie, waaraan de Minister van Defensie ondergeschikt is.

In zijn vorige functie was generaal Jang Jong Nam commandant van het 1ste Legerkorps van het Koreaanse Volksleger. De eenheid telt onder andere vier infanteriedivisies die langs de gedemilitariseerde zone (DMZ) zijn gelegerd. In voorkomend geval zal de eenheid het spits afbijten bij offensieve acties in Zuid-Korea dan wel de verdediging voeren bij een invasie van de zuiderburen.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

ZATERDAG 11 MEI

'Geachte minister: niemand weet meer waar Defensie voor staat'

In de bijlage Opinie & Debat van NRC Handelsblad verschijnt vandaag de bijdrage ‘Geachte minister: niemand weet meer waar Defensie voor staat’. Hierin schrijft kapitein-luitenant-ter-zee van de technische dienst (KLTZT) Sander van Luik aan zijn minister hoe moeilijk zijn dagelijkse werk is geworden zonder duidelijke missie voor Defensie.

Van Luik geeft aan dat de taak van Defensie hetzelfde is gebleven maar de organisatie nu in hoog tempo afbrokkelt.“We wisten (na de Koude Oorlog, BP) alleen dat de oude vijand verdwenen was, niet hoe de nieuwe eruit zag” is slechts ťťn van de problemen waarvoor de krijgsmacht zich gesteld ziet.

Een andere, aldus Van Luik, is dat na het opmaken van het vredesdividend de begroting leidend is geworden. Geld bepaalt de omvang en de taakstelling van Defensie: “Het grootste gevaar (van het dictaat van de kosten, BP) is dat we onszelf keuzes voorleggen waaruit iedere relatie met veiligheid en vrede is weggecijferd. Letterlijk. We weten daardoor vooral wat het goedkoopst is, maar niet wat ons doel het beste dient.”

De keuzes van Defensie, aldus Van Luit, worden gemotiveerd met economische argumenten: “We wijzen op het aantal banen dat het openhouden van een kazerne oplevert en de zakelijke kansen die het onderhoud van de JSF biedt.”

De Joint Strike Fighter F-35 is een zijstapje in Van Luits open brief aan de bewindsvrouw: “Dat de JSF het beste vliegtuig is bestrijdt niemand, maar men vraagt zich af tegen welke dreiging de beoogde ‘vervanger van de F-16’ [sic] dan zo goed is.”

We weten niet meer wat onze dreiging is, wie onze vijand is en wat ons doel het beste dient. Ondanks “de Ko Colijns en de Rob de Wijks weet niemand nog waar Defensie voor staat en hoe Defensie zijn belangen dient: “Militairen niet, burgers niet en politici niet. Plichtmatig herhalen zij nog de versleten mantra's, maar ze geloven het niet echt. Omdat Defensie zelf de weg kwijt is en zich niet structureel richt op haar drijfveren.”

De maatschappij ligt niet wakker van de teloorgang van de krijgsmacht en deze buitengewoon hachelijke positie wordt door niemand verdedigd. Voeg hierbij dat Defensie pas in beeld komt “als de zachte benadering van veiligheid en vrede heeft gefaald.” Pas wanneer diplomatie en ontwikkelingssamenwerking het niet voor elkaar hebben gekregen, is Defensie weer in beeld. En als we dan op missie gaan, zoals naar LibiŽ of de politietrainingsmissie in Kunduz, onderstrepen die volgens de auteur “het belang van Defensie niet”. Is de veiligheid van de Nederlandse burger eigenlijk wel gebaat bij “die missies ver weg”?

Een duidelijke strategie is gewenst en de politiek zal die waarom-vraag voor Defensie moeten beantwoorden. Dat zal nog dit jaar plaatshebben in de te verschijnen Hoofdlijnenvisie Krijgsmacht 2020-2030.

Van Luit pleit er onder andere voor Defensie te “ontworstelen aan het dictaat van de rekensommen”. Langs deze weg kan het wantrouwen in en het onbehagen over de krijgsmacht worden gekeerd.“Geld is belangrijk – maar een vals baken als het om fundamentele keuzes gaat.” En: "Defensie kost nu eenmaal geld. Als het Leitmotiv voor Defensie geld is, dan zou Defensie moeten worden opgeheven. Dat is pas goedkoop."

Fundamentele keuzes worden het beste tot uitdrukking gebracht door leiders die hun persoonlijke drijfveren laten samenvloeien met het waarom van Defensie.  KLTZT Van Luik haalt oud-Commandant der Strijdkrachten, generaal b.d. Peter van Uhm, aan met zijn bijdrage aan het ideeŽncongres TEDx (“Waarom ik koos voor een geweer”) en zijn 4 mei-lezing tijdens de Nationale Dodenherdenking op de Dam. De politiek is nu aan zet.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

VRIJDAG 10 MEI

Herdenking gesneuvelden Grenadiers en Jagers in Slag om de Residentie

Vanochtend hebben leerlingen van de openbare basisschool De Startbaan aan het BŲttgerwater in de Haagse wijk Ypenburg de gesneuvelden Grenadiers en Jagers herdacht bij het oorlogsmonument van het regiment. De school adopteerde het gedenkteken in 2010.

Tijdens de dodenherdenking droegen een aantal scholieren gedichten voor. De Regimentsfanfare 'Garde Grenadiers en Jagers' (RFGGJ) verzorgde de muzikale omlijsting. Namens de gemeente Den Haag en het Ministerie van Defensie werden kransen gelegd.

Met krijgsplan Fall Gelb viel nazi-Duitsland op 10 mei 1940 Nederland binnen, waarna leden van het Garderegiment Grenadiers en Jagers manhaftig hebben bijgedragen aan de verdediging tijdens de Slag om de Residentie.

Hoewel de landingsplaatsen voor de parachutisten van 22. Luftlande-Division tevoren zorgvuldig door spionage in kaart waren gebracht en een deel van de Duitse militairen al gevechtservaring in Polen had opgedaan, ging het verrassingseffect voor de divisie van Generalleutnant Hans Graf von Sponeck verloren.

Van een snelle, tactische inzet tijdens de eerste luchtlandingsoperatie achter de vijandelijke linies in de (krijgs)geschiedenis, kon dan ook geen sprake meer zijn. De Nederlandse tegenstand bleek te sterk: 22. Luftlande-Division was het initiatief kwijt en leed zware verliezen.

Het grootste deel van de Duitse troepenmacht werd ingezet rond Vliegveld Ypenburg. Een groot aantal van de Junkers Ju-52 die het inleidende bombardement uitvoerden, werd neer- of in brand geschoten en daardoor gedwongen elders te landen.

De para's van Infanterie-Regiment 65 (IR.65) van 22. Luftlande-Division werden vervolgens op de aanvalsdoelen Ockenburg en Ypenburg, respectievelijk zuidelijk en oostelijk van Den Haag, gedropt maar dreven te ver af naar het zuiden.

Hoewel de Ī 2.000 Duitse parachutisten in de loop van de dag alsnog de vliegvelden innamen, heroverden de Grenadiers en Jagers na zware gevechten Ypenburg en Ockenburg weer op Duitsers. Deze wapenfeiten voorkwamen dat Koningin Wilhelmina en de regering door de Duitsers onder huisarrest konden worden geplaatst. Tijdens de Slag om de Residentie verloren 515 Nederlandse militairen het leven, onder wie 208 Grenadiers en Jagers.

Bij de plechtigheid vandaag waren, behalve de schoolkinderen, ook militairen van 11 Infanteriebataljon (Air Assault) Garde Grenadiers en Jagers en hun commandant, luitenant-kolonel Cas Schreurs, aanwezig. Daarnaast gaven burgemeester Jozias van Aartsen van Den Haag en de Chef Militair Huis van Zijne Majesteit Koning Willem-Alexander, generaal-majoor Henk Morsink, acte de prťsence.

Mp>Op meer plekken in Den Haag is vandaag stilgestaan bij de Slag om de Residentie, zoals bij het ILSY (Internationale Luchtvaartschouw Ypenburg) Plantsoen en de Algemene Begraafplaats.

Saillant detail is dat de Duitsers Ypenburg slechts tijdens de aanval op de Festung Holland gebruikten. In de jaren daarna gebruikten de Duitsers het vliegveld niet vanwege zijn ongunstige ligging.

Opvallend is ook dat Von Sponecks aanvalsplan, bij twee onafhankelijke voorvallen, in handen van de Nederlanders viel: op 10 mei dankzij een neergestorte Junker Ju-52 in de Tweede Adelheidsstraat (Bezuidenhout) en op 12 mei onder het lijk van een inlichtingenofficier van 22. Luftlande-Division bij Vliegveld Ockenburg.

Deze later tot 'Von Sponeck Papieren' omgedoopte documenten bevatten het volledige aanvalsplan van de Duitse divisiecommandant; een ‘Fahndungsliste’ met namen van een personen uit de driehoek Den Haag-Leiden-Rotterdam, die bij aankomst van de Duitsers onmiddellijk moesten worden gearresteerd; marsbevelen; geheime inlichtingen over het Nederlands opperbevel; zeer gedetailleerde plattegronden van Den Haag en de militaire eenheden in de omgeving van Den Haag, de omliggende vliegvelden en het Koninklijk Paleis.

Voor meer informatie over de 'Von Sponeck Papieren' kan worden gevonden onder andere in het boek 'Rotterdam werd verraden' (1990) van Loek Elfferich (ISBN 9068250728) en het artikel 'Stotz, Stark und Treu! Geschiedenis en inhoud van de 'Von Sponeck' papieren' (2011) van drs. Erwin Rossmeisl (Mars et Historia, kwartaalblad 2-2011, mei 2011).

Terug naar Boven of naar Homepage

 

DONDERDAG 9 MEI 2013

Na 2014 negen VS-bases in Afghanistan

Na de terugtrekking van de internationale NAVO-troepenmacht uit Afghanistan, eind 2014, mogen de Amerikanen van de Afghaanse president Hamid Karzai negen militaire bases in het land behouden onder voorwaarde dat hij van Washington garanties krijgt op het gebied van veiligheid en op economisch terrein.

Dit is “in het belang van Afghanistan”, aldus Karzai in een toespraak voor Kabul University die vandaag live op tv werd uitgezonden.


In het kader van de op te stellen Bilateral Security Agreement (BSA) tussen de VS en Afghanistan – waarover sinds 15 november vorig jaar wordt onderhandeld - stelden de Amerikanen op 24 april jl. voor om negen bases te mogen behouden. Karzai noemde vandaag als locaties Bagram, Gardez, Helmand, Herat, Jalalabad, Kabul, Kandahar, Mazar-i-Sharif en Shindand – allemaal in de perimeter van Afghanistan.

Karzai ging niet  in op de netelige kwestie van de eventuele immuniteit van Amerikaanse militairen na 2014. De Amerikaanse president Barack Obama liet al eerder weten dat hij Amerikaanse militairen na 2014 in Afghanistan wil houden, maar alleen als Kabul de militairen juridische immuniteit zal verlenen.

Op dit moment zijn nog ± 100.000 buitenlandse militairen in Afghanistan, voor het leeuwendeel Amerikanen. Hoeveel Amerikaanse militairen na 2014 in Afghanistan moeten blijven is nog onbekend, hoewel al eerder is gesproken over 12.000.

Terug naar Boven of naar Homepage

Joblezing Berkel-Enschot van Peter van Uhm: 'Van lijden kun je leren'

Oud-Commandant der Strijdkrachten Peter van Uhm heeft gisteravond in een afgeladen Sint Caeciliakerk in het Brabantse Berkel-Enschot de Joblezing gehouden. Van Uhm gaf zijn lezing de titel ‘Van lijden kun je leren’ mee.

De Joblezing, met een bezinnend karakter, wordt sinds 1994 georganiseerd door de Stichting Sint-Job Berkel-Enschot en kwam dit jaar tot stand in samenwerking met Assemblee Sprekersbureau.

Van Uhm ging in op het nut en de noodzaak van missies als die in Uruzgan, op de problemen die de bevolking daar en onze mensen bedreigen, op de verbindende maar ook verscheurende rol die godsdienst daarin speelt, op respect voor culturele en religieuze verschillen en op de tragedies die soms uitvloeisel zijn van dit werk en waarmee hij zo persoonlijk is geconfronteerd.

Op 4 mei jl. maakte Van Uhm grote indruk met zijn speech tijdens de Nationale Dodenherdenking op de Dam in Amsterdam.“Eigenlijk ben ik sindsdien klaar. Alles is gezegd in die ongeveer vier minuten", hield Van Uhm aan het begin van de lezing zijn toehoorders in Berkel-Enschot voor. Waarna hij het publiek bijna twee uur lang boeide met een lezing en vraag-antwoordsessie waarin hij anekdotes en grappen afwisselde met serieuze passages over zijn ervaringen in onder meer Libanon, BosniŽ en Afghanistan.

Van Uhm had het onder meer over religie ("Religie is in de basis goed, maar wordt door de mens niet altijd goed gebruikt.") en Nelson Mandela ("Hij heeft vrede gecombineerd met verzoening. Iets wat we bij veel andere vredes vergaten. Ook verzoening, goedmaken, hoort bij vrede. Vrede zonder verzoening is als een Judaskus naar de toekomst.").

Ook haalde de generaal b.d. de discussie rond de opzet van de dodenherdenkingen aan: “We moeten natuurlijk niet vergeten, maar er moet ook een tijd van vergeven komen.”

Dat Van Uhm als spreker meer doet dan alleen een vast verhaal afwerken, bewees hij met de verwijzing naar de gesneuvelde eerste luitenant Tom Krist uit Berkel-Enschot, wiens ouders bij de lezing aanwezig waren. Krist overleed op 12 juli 2007 aan de verwondingen die hij twee dagen eerder opliep bij een zelfmoordaanslag in de Afghaanse provincie Uruzgan: "Tom en mijn zoon Dennis (eerste luitenant Dennis van Uhm, die op 18 april 2008 eveneens in Afghanistan om het leven kwam, BP) maakten net als ik een keuze om iets te doen om de wereld beter te maken. Dat zal ik het Afghaanse volk nooit kwalijk nemen."

Ook ging Van Uhm in zijn Joblezing in op het lijden van Job. "In de opleiding laten we militairen soms ook lijden als Job. Om ze te leren omgaan met angst. Want angst is soms ook een goede raadgever."

Dat Van Uhm wel raad weet met spreken voor grote groepen, bleek tijdens de vraag-antwoordsessie met het publiek. Herinvoering van de dienstplicht? De rol van vrouwen binnen het leger? Op de meest uiteenlopende vragen had hij een antwoord klaar.

Een man die suggereerde dat Nederland het aantal buitenlandse missies moet terugschroeven om zo het aantal (ex-)militairen met posttraumatische stress te verkleinen, stuurde dan weer recht het straatje van Van Uhm in: “Als we om die reden besluiten tot minder missies, gaan we de foute kant op. Als de geallieerden in de Tweede Wereldoorlog hadden gedaan wat u suggereert, hadden we er hier nu heel anders bij gezeten." Waarmee Van Uhm alsnog een aanvulling verzorgde op zijn veelbesproken speech van 4 mei jl.

Nederland kan in de toekomst meer verwachten van Peter van Uhm. Op 31 maart jl. kondigde hij bij Omroep Gelderland aan zijn memoires te gaan schrijven.

Bronnen: Brabants Dagblad en de Stichting Sint-Job Berkel-Enschot.

Met dank aan: Andre Odenkirchen (Facebook)

Terug naar Boven of naar Homepage

 

WOENSDAG 8 MEI 2013

VS: van twee naar tien camouflagepatronen in amper elf jaar

In The Washington Post ontrafelt Congres-verslaggever David A. Fahrenthold hoe de Amerikaanse krijgsmacht in amper 11 jaar tijd evolueerde van twee naar tien camouflagepatronen voor de krijgsmacht.

In 2002 telden de Amerikanen nog twee camouflagekleuren: groen voor het bos, bruin voor de woestijn. Met de toename van missies in Irak en Afghanistan, ontstonden echter desertcamouflagepakken voor mariniers en marinepersoneel (sic!), naast het universele woestijnpatroon van de landmacht en een speciale voor Afghanistan.

Het ontwerpen van dit laatste MultiCam-patroon, Operation Enduring Freedom Camouflage Pattern, kostte $ 2.900.000 en werkte uiteindelijk niet naar behoren. Intussen had elke militair tientallen items in dit nieuwe patroon ontvangen.

Zelfs de luchtmacht heeft zijn eigen camouflage. Ook dat uniform is, blijkbaar, gebrekkig, dus wordt vliegers in Afghanistan afgeraden het te dragen.

Intussen heeft de Amerikaanse overheid zich ontpopt tot meester in het dupliceren van reeds bestaande zaken - en zeker niet alleen binnen de krijgsmacht. Duplicatie is ondertussen verworden tot één van Washington's duurste tradities: meerdere instanties doen tezelfdertijd hetzelfde werk en belastingbetalers betalen miljarden voor een overheid die zich herhaalt om het herhalen?

Fahrenthold's verhaal over het snel achtereen dupliceren van Amerikaanse camouflagepatronen blijkt kenmerkend. Een probleem dat volgens de auteur diep is geworteld in goede intenties, weinig geduld en het onbedwingbare verlangen naar iets nieuws. Bij bureaucraten en parlementariërs die iets zien dat niet goed (genoeg) is, begint het onmiddellijk te kriebelen. Zonder te weten of iets wel of niet werkt, zonder gebruikmaking van ervaringsgegevens of proefondervindelijkheid.

Onder druk van de Amerikaanse president Barack Obama en de Republikeinen in het Congres en gedwongen door de fiscale situatie van de VS, snoeit de Government Accountability Office (GAO) nu decennia van overbodige, elkaar overlappende programma's.

Te laat, zo constateert Fahrenthold in The Washington Post. Want de lange en peperdure zoektocht naar hét ideale camouflagepatroon kende nog een anticlimax: later dit jaar zal de U.S. Army een vernieuwd camouflagepatroon voor de troepen in Afghanistan introduceren. De ontwikkelingskosten kosten bedragen nu al $ 4.200.000, hoewel de Amerikanen - zo is de planning - eind eind 2014 uit Afghanistan zijn vertrokken.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

DINSDAG 7 MEI 2013

Verenigde Staten beschuldigen China van cyberaanvallen en hacks

Volgens de Amerikaanse krant The Wall Street Journal heeft het Pentagon in een rapport dat jaarlijks wordt opgesteld over de Chinese strijdkrachten letterlijk verklaard dat cyberaanvallen en hacks - bij wijze van spionage - direct kunnen worden herleid naar de Chinese overheid en krijgsmacht.

Het rapport van het Amerikaanse Ministerie van Defensie schetst eveneens de Chinese investeringen in nieuwe marineschepen, geavanceerde gevechtsvliegtuigen en zgn. "anti-access military systems", systemen die erop gericht zijn andere strijdkrachten uit de buurt van het Chinese grondgebied en de territoriale wateren te houden.

Volgens het Amerikaanse persbureau Associated Press is het voor het eerst dat het Amerikaanse Ministerie van Defensie met zoveel woorden China beschuldigt van cyberoorlogvoering. Tot nu toe sprak het ministerie slechts over "aanvallen uit China", waarvoor mogelijk opdracht was gegeven door de overheid.

In het rapport stelt het Pentagon dat er ook in 2012 veel computers van de Amerikaanse overheid zijn aangevallen door Chinese hackers die uit zijn op informatie uit diplomatieke, militaire en economische kringen.

Nog op 19 februari jl. verklaarde het beveiligingsbedrijf Mandiant tegenover de The New York Times dat de in Shanghai gevestigde Unit 61398 van de Chinese krijgsmacht al sinds 2006 datadiefstallen pleegt door in te breken op computers van Amerikaanse bedrijven.

De plaatsvervangend Directeur-generaal van het Departement van Informatie van het Chinese Ministerie van Buitenlandse Zaken, Mw. Hua Chunying, reageerde dat China's "legitieme en normale Defensieopbouw" volledig is gericht ten dienste van "de nationale onafhankelijkheid, soevereiniteit en territoriale integriteit, wat het legitieme recht is van een soevereine staat."

Op 13 april jl. riep de Chinese Minister van Buitenlandse Zaken Wang Yi de Verenigde Staten op om samen te zorgen voor een betere beveiliging van het internet. Dat gebeurde tijdens het bezoek van zijn Amerikaanse ambtsgenoot John Kerry

Terug naar Boven of naar Homepage

 

ZONDAG 5 MEI 2013

Relatief weinig Nederlandse militairen in missies Verenigde Naties

Uit cijfers van de Britse krant The Guardian blijkt dat Nederland een relatief kleine personele bijdrage levert aan vredesmissies van de Verenigde Naties (VN).

Volgens een woordvoerder van het Ministerie van Defensie stuurt Nederland veel meer manschappen op missies onder de vlag van de NAVO en de Europese Unie (EU).

Uit de cijfers van The Guardian blijkt dat Nederland weliswaar 1,65% levert van het budget van de VN-vredesmachten voor 2013 tot 2015, maar dat er nauwelijks militairen worden ingezet. In Soedan zijn zesentwintig mensen actief, in het Midden-Oosten elf en in Afghanistan twee.

De Nederlandse bijdrage steekt schril af bij landen als BraziliŽ, India, Frankrijk, maar ook Nepal en Nigeria, die stuk voor stuk duizenden militairen hebben uitgezonden onder vlag van de VN.

Een woordvoerder van Defensie bevestigt dat “inderdaad niet in groten getale” wordt bijgedragen, maar Nederland draagt in Afghanistan wťl met veel Nederlanders onder de vlag van de NAVO-vlag bij. Hetzelfde geldt voor de missies aan de Turks-Syrische grens en voor de kust van SomaliŽ.

Volgens Defensie hangt de behoefte aan een Nederlandse bijdrage vaak ook af van de locatie van het conflict: “In Afrika zijn veel VN-missies waar veel Afrikaanse landen aan deelnemen.”

Het land dat de meeste militairen levert aan VN-vredesmissies is Pakistan. Liefst 8.251 Pakistani's zijn actief voor de VN, vooral in Congo (3.755), Liberia (2.018) en Ivoorkust (1.548).

Terug naar Boven of naar Homepage

 

ZATERDAG 4 MEI 2013

Dodenherdenking op de Dam indrukwekkend

Vanavond vond traditiegetrouw de Nationale Dodenherdenking op de Dam in Amsterdam plaats. Deze werd live uitgezonden op Nederland 1, 2 en 3 ťn BVN.

Om 19:58 legden Zijne Majesteit Koning Willem-Alexander en Hare Majesteit Koningin Máxima, op hun eerste officiŽle gelegenheid, kransen bij het monument op de Dam. Voorafgaand aan de twee minuten stilte blies John Bessems, trompettist bij de Koninklijke Luchtmacht, het Signaal Taptoe. Klokslag 20:00 uur werd twee minuten stilte in acht genomen.

Na de twee minuten stilte werd het eerste couplet van het Wilhelmus gespeeld en droeg Roos Reinartz, winnares 'Dichter bij 4 mei', haar winnende gedicht Nachtelijke overdenkingen voor.

Tijdens de herdenking worden de Nederlandse burgers en militairen herdacht die sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog om het leven zijn gekomen in oorlogssituaties en bij vredesoperaties. Het Nationaal Comitť 4 en 5 mei stelde dit jaar uitdrukkelijk dat de herdenking niet is bedoeld voor Duitse militairen en 'foute' Nederlanders.

Nadat alle kransen waren gelegd hield de voormalig Commandant der Strijdkrachten, generaal buiten dienst Peter van Uhm, de toespraak 'Saamhorigheid'. Zijn indrukwekkende speech werd door de toehoorders op de Dam met een applaus beantwoord.

Uit zijn voordracht de volgende passage:

“Ik besloot te dienen.
Omdat ik geloof dat in dienen de sleutel ligt.
Wie dient, denkt niet alleen in ‘ik’.
Wie dient, denkt niet alleen in ‘zij’.
Wie dient, denkt ook in ‘wij’.
Daar begint de overwinning op het onrecht.
Want vrijheid, gelijkheid en rechtvaardigheid, een betere wereld, die maak je samen”

Er zijn en waren vandaag meerdere herdenkingen. Vanochtend werden de slachtoffers herdacht op het Binnenhof. Ook op de Grebbeberg (Rhenen) en de Waalsdorpervlakte (Den Haag) werd stilgestaan bij de slachtoffers van oorlogen en vredesmissies.

Op de Grebbeberg gebeurde dit in aanwezigheid van Prinses Margriet, Pieter van Vollenhoven en Prins Pieter-Christiaan. Op het ereveld in Rhenen liggen ruim achthonderd militairen die tijdens de Tweede Wereldoorlog omkwamen in de strijd. De helft van deze militairen stierf op en rond de Grebbeberg tijdens hevige gevechten tegen de binnenvallende troepen van nazi-Duitsland in de meidagen van 1940.

Op de Waalsdorpervlakte werd traditiegetrouw de Bourdonklok geluid door het Erepeloton Waalsdorp. Hier werd de dodenherdenking bijgewoond door de Haagse burgemeester Jozias van Aartsen. Op de Waalsdorpervlakte zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog meer dan 250 mensen door de Duitse bezetter gefusilleerd.

Terug naar Boven of naar Homepage

Museum Eyewitness WO II geopend in Beek

In het Limburgse Beek wordt vandaag het nieuwe oorlogsmuseum Eyewitness geopend. In het pand aan de Maastrichterlaan wordt de Europese geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog zichtbaar gemaakt.

Door de ogen van de fictieve Duitse Fallschirmjšger August Segel wordt in dertien diorama's met levensechte figuren zijn verhaal in oorlogsscŤnes uit de Tweede Wereldoorlog uitgebeeld. Onder het motto ´Oog in oog met de Tweede Wereldoorlog´ passeren onder meer bunkers, een deel van een concentratiekamp en de loopgraven aan het front de revue.

Initiatiefnemer van het Eyewitness Museum WO II is Wim Seelen, die de herinneringen aan deze zwarte bladzijde uit de geschiedenis levendig en krachtig wil houden. Om zoveel mogelijk mensen hiervan te doordringen heeft hij besloten zijn privťcollectie op een tot de verbeelding sprekende manier toegankelijk te maken voor het grote publiek.

Museum Eyewitness WO II is gevestigd aan de Maastrichterlaan 45, 6191 AB Beek. De entree voor volwassenen bedraagt Ä 10, militairen betalen Ä 4 en Nederlandse veteranen uit de Tweede Wereldoorlog mogen gratis naar binnen. Gewoonlijk is het museum op zon- en feestdagen gesloten, maar morgen – 5 mei – is Museum Eyewitness WO II geopend. Nadere informatie kan worden verkregen via telefoonnummer 046-4370769 of per e-mail via info@eyewitnesswo2.nl

Het museum is gemakkelijk bereikbaar via de snelweg A2, afslag 50 (Ulestraten), richting Geulle/Beek.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

VRIJDAG 3 MEI 2013

Surinaamse presentatie 'Bikkel', over moord op Fred Ormskerk

Onder grote belangstelling heeft gisteravond journalist Rudie Kagie in cafť-restaurant Tori Oso in Paramaribo zijn boek Bikkel. Het verhaal van de eerste politieke moord van het Bouterse-regime in Suriname ten doop gehouden.

‘Bikkel’ is de bijnaam van de Nederlands-Surinaamse militair Fred Ormskerk, geboren op 23 april 1926. Op 1 mei 1980 werd Ormskerk als gevolg van zware mishandeling vermoord in opdracht van de leiders van de sergeantencoup van 25 februari 1980, toen sergeant-majoor Desi Boutserse, majoor Roy Horb en veertien anderen de burgerregering van Henck Arron omverwierpen.

Kagie vertelde dat hij 33 jaar onderzoek heeft gedaan om de juiste toedracht achter de moord te kunnen achterhalen. Kagie, indertijd als correspondent voor NRC Handelsblad werkzaam in Suriname, werd in de nacht van 3 op 4 mei 1980 opgepakt en kreeg van Bouterse te horen dat het hier handelde om een zaak van staatsveiligheid.

Ormskerk, een hoog onderscheiden veteraan met gevechtservaring in Nederlands-IndiŽ en Korea, werd ervan verdacht op het punt te hebben gestaan met een huurlingenleger van 300 man (sic!) een tegencoup te plegen. In zijn boek reconstrueert Kagie deze leugen. Weliswaar bekritiseerde Ormskerk de sergeantencoup, maar de moord toont slechts aan hoe de coupplegers al na negen weken hun greep naar de macht aan het verliezen waren.

Op 26 februari jl. deelde Minister van Buitenlandse Zaken Frans Timmermans, naar aanleiding van vragen van het SP-Tweede Kamerlid Harry van Bommel, mee dat Nederland  geen strafrechtelijk onderzoek zal starten naar de mishandeling en dood van de Nederlander Fred Ormskerk in 1980 in Suriname: “Nederland heeft geen rechtsmacht en kan dan ook geen eigen strafrechtelijk onderzoek starten naar de gebeurtenissen.”

Rudie Kagie voert in ‘Bikkel’ drie getuigen op die bevestigen dat John Hardjoprajitno, ťťn van de sergeanten van de coup en de toenmalige lijfwacht van Bouterse, betrokken was bij de mishandeling en dood van Ormskerk.

Hardjoprajitno, ook verdachte in het strafproces van de Decembermoorden, heeft tegenwoordig een restaurant in Amsterdam.

Terug naar Boven of naar Homepage

VS denken na over bewapenen Syrische opstandelingen

De Amerikaanse regering denkt na over het bewapenen van de opstandelingen in SyriŽ, aldus de Amerikaanse Secretary of Defense Chuck Hagel vandaag op een persconferentie in Mexico City. Hiermee heeft de Amerikaanse Minister van Defensie voor het eerst openlijk geuit dat zijn regering het niet langer uitsluit om de opstandelingen te bewapenen.

Terwijl de VS zich eerder nog verzetten tegen het leveren van wapens aan de Syrische oppositie, uit angst dat wapens in handen vallen van extremistische groepen, zei Hagel nu dat verschillende mogelijkheden worden overwogen. Hij benadrukte dat president Barack Obama nog niets heeft besloten.

Begin maart maakten de VS bekend de opstandelingen met $ 60 miljoen bij te staan ten behoeve van voedsel en medicijnen. Dat besluit werd onmiddellijk veroordeeld door het Syrische regime en bondgenoot Iran.

Aangenomen wordt dat de Amerikaanse regering de optie om de rebellen te bewapenen in heroverweging heeft genomen nu de Amerikaanse inlichtingendiensten eerder bekendmaakten dat er “vrijwel zeker” chemische wapens zijn gebruikt in SyriŽ.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

DONDERDAG 2 MEI 2013

Slag om Grebbeberg verfilmd

Er zijn vergevorderde plannen voor een speelfilm over de Slag om de Grebbeberg die in mei 1940 plaatsvond. Regisseur Martin Lagestee en producent Frank Bak van Lagestee Film BV hebben voor de hoofdrollen Willem Voogd, Waldemar Torenstra en Géza Weisz benaderd. De acteurs hebben nog niet getekend voor de rollen.

Het is de bedoeling dat ‘Slag om de Grebbeberg’ (‘Battle Of De Grebbeberg’), waarvan het scenario is geschreven door Lagestee en de eind 2010 overleden Elena van Eeden, in mei 2015 in de bioscopen te zien zal zijn.

Voogd – in de hoofdrol – en Weisz zullen in ‘Slag om de Grebbeberg’ Nederlandse soldaten spelen; Torenstra zal te zien zijn als sergeant.

Volgens Lagestee wordt het de eerste Nederlandse oorlogsfilm waarin Nederlandse soldaten slag leveren met het Duitse invasieleger in 1940: “In Nederland is nog nooit een echte oorlogsfilm gemaakt. We hebben films over het verzet en over de bevrijding, maar geen enkele film behandelt de vijf dagen in mei 1940 waarop het Nederlandse leger vocht tegen de Duitsers.”De film moet een eerbetoon worden aan de Nederlandse soldaten die slecht waren uitgerust.

In mei 1940 vochten 2.500 – meest slecht opgeleide en onervaren – Nederlandse militairen tegen een tienvoudige Duitse overmacht aan de eerste verdedigingslijn: de Grebbelinie. Na drie dagen harde strijd om de vrijwel onneembare Grebbeberg – door de Duitsers later met ontzag "Der Teufelsberg" genoemd – strandde de aanval voor het viaduct van Rhenen. Een dag later volgde het bombardement op Rotterdam en capituleerde Nederland.

Aan de film zal in elk geval medewerking worden verleend door  de gemeente Rhenen, Ouwehands Dierenpark, het Ministerie van Defensie en Harry Wiessenhaan – gespecialiseerd in special effects in oorlogsfilms. Hij werkte onder andere mee aan films als Nova Zembla (2011) en Het Bombardement (2012).

Terug naar Boven of naar Homepage

Stoffelijke resten Goldstream Guard overgedragen

Tijdens een korte ceremonie vanmiddag in het provinciehuis in Haarlem, heeft de Commissaris van de Koning in Noord-Holland, Johan Remkes, de stoffelijke resten van een Engelse soldaat die in 1799 sneuvelde, overgedragen aan Paul Arkwright, de Britse ambassadeur in Nederland.

Op 11 maart 2011 werd in de duinen bij Groote Keeten in de gemeente Schagen een skelet aangetroffen. Op basis van de bijliggende vondsten, zoals kledingknopen en restanten van een musketgeweer en munitie, kon worden dit sekelet worden geÔdentificeerd als het stoffelijk overschot van een soldaat van de Engelse Coldstream Guards die hier tijdens een eendaagse invasie in 1799 sneuvelde.

De Coldstream Guards, geformeerd in 1650, is een van de zeven regimenten in de Household Division - de persoonlijke keurtroepen van de Britse Koningin.

Op 27 augustus 1799, ten tijde van de Bataafse Republiek, landde op de Noord-Hollandse kust een Engels-Russische troepenmacht die ten doel had de Franse bezetter te verdrijven. In deze “vergeten oorlog” werd zwaar strijd geleverd en vielen vele doden, ook aan Engelse zijde. Hoewel de expeditie uiteindelijk mislukte, was de landing met ruim tweehonderd Engelse schepen op die dag zelf een succes.

De Britse ambassadeur droeg de stoffelijke resten vervolgens over aan een afvaardiging van drie leden van de Coldstream Guards. Een van de Guards speelde de Last Post. Het Britse infanterieregiment zal de gevallen kameraad met passende eer begraven op het eigen kerkhof in Engeland.

Terug naar Boven of naar Homepage

Eerste Inhuldigingsmedailles 2013 uitgereikt

Aan het einde van de middag heeft premier Mark Rutte in de Nieuwe Kerk de eerste Inhuldigingsmedailles 2013 uitgereikt ter gelegenheid van de inhuldiging van Koning Willem-Alexander op 30 april jl. Tevoren sprak de Amsterdamse burgemeester Eberhard van der Laan alle aanwezigen toe.

Onder de eerste acht die de tastbare herinnering aan de inhuldiging van het nieuwe staatshoofd in ontvangst mochten nemen, waren ook een onderofficier van de Koninklijke Landmacht die betrokken was bij de voorbereidingen voor de militaire ceremonie rond het Koninklijk Paleis op de Dam en een militair van de Koninklijke Luchtmacht. Het achttal stond symbool voor collega's van hulpdiensten, ambtelijke ondersteuning, politie of Defensie.

De Inhuldigingsmedaille 2013 is bedoeld voor personen die een actieve bijdrage hebben geleverd aan een goed verloop van de troonswisseling. De overige medailles worden naar verwachting in het najaar uitgereikt.

De zilveren Inhuldigingsmedaille 2013 vertoont aan de voorzijde de naar links gewende beeltenis van Koning Willem-Alexander en aan de keerzijde een gekroond monogram met de letters "W" en "A", de tekst "30 april 2013" en als omschrift de woorden “Willem-Alexander Koning der Nederlanden”. Het lint waaraan de medaille is bevestigd, is oranje moirť met in het midden vier verticale Nassaublauwe banen.

Ontwerper van de medaille is Hans van Houwelingen, die ook de Huwelijksmedaille 2002 ontwierp. De Koninklijke Nederlandse Munt vervaardigde de medaille.

De toekenning geschiedt bij Koninklijk Besluit van 24 april 2013, "houdende de instelling van een herinneringsmedaille ter gelegenheid van de inhuldiging van Onze zoon Willem-Alexander" en op voordracht van de Minister van Binnenlandse Zaken die is belast met het Nederlandse decoratiestelsel.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

Nieuwsarchief...