NIEUWSARCHIEF NOVEMBER 2012
Terug naar de homepage
 

Naar de homepage

NOVEMBER 2012
M
D
W
D
V
Z
Z
2
3
6
11
12
13
17
18
20
22
26
27

Maak uw keuze uit de hierboven getoonde lijst

Naar de homepage

DONDERDAG 30 NOVEMBER 2012

Nieuwe toekomstvisie Defensie vóór eind 2013

Minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert heeft de Tweede Kamer vandaag laten weten bezig te zijn met de ontwikkeling van een toekomstvisie voor de krijgsmacht. Van deze visie maakt ook de vervanging van de F-16 deel uit. Eind 2013 zal het kabinet Rutte-II een besluit nemen over de vervanging van de F-16.

Om de krijgmacht in staat te stellen haar taken goed uit te voeren, moet Defensie volgens de bewindsvrouw “de komende jaren grote investeringen doen, waaronder de vervanging van de F-16. Dit maakt dan ook integraal deel uit van de visie op de krijgsmacht.”

In het Regeerakkoord van 29 oktober jl. staat dat Defensie aan het begin van een nieuwe kabinetsperiode een beleidsvisie met een meerjarige strategische oriëntatie opstelt.

Uitgangspunten van de visie zijn de grondwettelijke taken van de krijgsmacht, het huidige budget in overeenstemming met het Regeerakkoord en de lopende bezuinigingsreorganisatie bij Defensie.

Reeds op de dag van haar aantreden, 5 november jl., gaf Hennis-Plasschaert aan die toekomstvisie “in overleg met de Minister van Buitenlandse Zaken” te maken: “Een visie waarin de financiën voor langere termijn op orde worden gebracht, waarin ambitie en taken in evenwicht zijn, waarin ruimte is voor innovatie en waarmee het draagvlak voor de organisatie geborgd wordt.”

Uit de toekomstvisie komen heldere, richtinggevende keuzes voor de nationale en internationale taken van de krijgsmacht, waaruit de capaciteiten (middelen) voortvloeien. De politiek gewenste eindsituatie die hiermee wordt bereikt, is het uitgangspunt voor elke planning van militaire inzet.

Uiteindelijk beoordeelt de Algemene Rekenkamer of de visie van Defensie financieel degelijk is onderbouwd.

De Minister van Defensie zal haar toekomstvisie Defensie vóór eind 2013 gereed hebben.

Terug naar Boven of naar Homepage

Veteranen Boekendag in Den Haag

Vanmiddag heeft in het Meermannomuseum in Den Haag de Veteranen Boekendag plaatsgevonden. De organisatie was in handen van de Stichting Nederlandse Veteranendag (NLVD).

Verschillende veteranen zullen vertellen over hun boek die ze hebben geschreven naar aanleiding van hun ervaringen. Na afloop kan het publiek vragen stellen. De sprekers hebben verschillende achtergronden en zijn op verschillende plekken op missie geweest.
Bijzonder is de aanwezigheid van uitgeverij De Vier Windstreken. Veteranen die graag nog een boek wilden uitgeven, konden bij hen terecht voor tips.

Onder de veteranen die uit eigen werk voorlazen waren Rob Evers (Teams door het vuur), Niels Roelen (Soldaat in Uruzgan en ‘Terugkeer uit Uruzgan’, te verschijnen medio maart 2013), Maartje van der Maas (Corrupt Congo), Jos Gelissen (De gijzeling), Frans Matser (De bezuinigingsgeneraal), Esmeralda Kleinreesink (Officier in Afghanistan) en Anke Dorpmanns (‘Vroeger vond ik onweer mooi’en ‘Mama is soldaat’).

Daarnaast was er een boekenbeurs, waar elke veteraan zijn of haar boek kon presenteren en verkopen.

Terug naar Boven of naar Homepage

WOENSDAG 29 NOVEMBER 2012

Kolonel b.d. Hans Valk overleden

Naar nu bekend is geworden, is op 11 november jl. op 84-jarige leeftijd de kolonel der grenadiers b.d. Hans Valk in Apeldoorn overleden. Dit bericht het Surinaamse dagblad De West.

Valk speelde op 25 februari 1980 - op de Nederlandse ambassade in Paramaribo, kort na de staatkundige onafhankelijkheid van Suriname, aangesteld als militair attaché - een nooit opgehelderde rol bij de Sergeantencoup onder leiding van de toenmalige sergeant-majoor Desi Bouterse tegen de regering van Henck Arron. Volgens sommigen was Valk - en in het verlengde de Nederlandse diplomatieke missie - de geestelijk vader van de coup.

De informatie hierover die opheldering zou kunnen verschaffen, zal pas in 2060 door Nederland worden geopenbaard.

Valk, zoon van luitenant-generaal C.J. Valk (die onder andere Nederlands territoriaal bevelhebber was), werd in juni 1980 overgeplaatst naar het NAVO-hoofdkwartier in Brussel.

Op 19 maart 2009 ontkende noch bevestigde de toenmalige Nederlandse ambassadeur in Paramaribo, jonkheer Max Vegelin van Claerbergen, in het tv-programma Andere Tijden, de Nederlandse betrokkenheid bij de coup. Vegelin van Claerbergen overleed in 2011.

Feit blijft dat voorafgaand aan de putsch met name de onderofficieren erg ontevreden en achterstallig betaald werden. Na de staatsgreep waren er al snel geruchten over de betrokkenheid van Valk. Zo zou hij de plannen van operatie Zwarte Tulp - van origine bedoeld om ingrijpen door de Troepenmacht in Suriname (TRIS) rondom de Surinaamse onafhankelijkheid mogelijk te maken - hebben doorgespeeld aan de coupplegers.

Terug naar Boven of naar Homepage

Van Uhm tweemaal in schijnwerpers op KMA

Twee bijzondere activiteiten op hetzelfde podium, vonden vandaag plaats in de Aula van de Koninklijke Militaire Academie in Breda. Hier organiseerde de Koninklijke Nederlandse Vereniging Ons Leger (KNVOL) vandaag een symposium met als thema ‘De toekomst van het gemeenschappelijke Veiligheids- en Defensiebeleid van de EU’.

Voormalig Commandant der Strijdkrachten, Peter van Uhm, ontving uit handen van de voorzitter van de KNVOL, generaal b.d. Siem van Groningen, de Prins Maurits Medaille.

De medaille, ingesteld in 1935, wordt toegekend aan personen of organisaties, zowel binnen als buiten de krijgsmacht, die zich verdienstelijk hebben gemaakt voor de krijgsmacht. De voorlaatste maal dat de Prins Maurits Medaille werd toegekend was in 2008, toen aan brigadegeneraal b.d. Ruud Vermeulen.

Van Uhm kreeg de onderscheiding voor zijn “loffelijke daden die hebben bijgedragen aan het vergroten van het aanzien van de krijgsmacht.”

Ook het eerste exemplaar van het boek Leiderschap onder vuur van Marco Kroon werd aan de kapitein overhandigd door Van Uhm. Vervolgens gaf de Ridder Militaire Willems-Orde zijn boek direct door aan sergeant der eerste klasse Luuk Elshout. Kroon heeft zijn boek opgedragen aan alle collega's die gewond zijn geraakt tijdens militaire missies. Elshout reed op 20 juli 2009 in Uruzgan op een IED, waaraan hij blijvende lichamelijke verwonding overhield.

In dit boek beschrijft Kroon – die sinds juli van dit jaar commandant is van de C ‘Beren’ Compagnie van 17 Pantserinfanteriebataljon Garderegiment Fuseliers Prinses Irene – hoe hij over leiderschap denkt en spreekt hij zich uit over zijn ervaringen te velde.

'Leiderschap onder vuur' (UHB uitgevers, ISBN 9789082003604) telt 176 pagina's en kost € 18,95. Voor het op 22 november jl. verschenen boek van kapitein Kroon is zoveel belangstelling dat op 10 december a.s. de tweede druk zal verschijnen.

Terug naar Boven of naar Homepage

Dagorder C-LAS voor Korps Nationale Reserve

Bij het Korpsberaad op de Kromhoutkazerne ontvingen vandaag de drie bataljonscommandanten van de Nationale Reserve een Dagorder van de Commandant landstrijdkrachten (C-LAS), genummerd 2012/03.

Na lange discussies over de oprichtingsdatum - 1914 of 1948 - werd 4 augustus 1914 vastgesteld als de formele oprichtingsdatum; op deze dag werd de Vrijwillige Landstorm opgericht – één van de voorlopers van de Natres. De officiële oprichtingsdatum houdt in dat het korps in 2014 het eeuwfeest zal vieren.

De dagorder maakt er melding van dat vanaf 28 augustus jl. het Korps Nationale Reserve uit drie bataljons bestaat: 10 Natresbataljon bij 43 Gemechaniseerde Brigade, 20 Natresbataljon bij 11 Luchtmobiele Brigade en 30 Natresbataljon bij 13 Gemechaniseerde Brigade.

De geschiedenis van het korps, zo vermeldt de dagorder, gaat terug tot 4 augustus 1914: “De mobilisatie voor de op handen zijnde oorlog bracht zoveel vrijwilligers op de been, dat de regering besloot hun bijdrage aan de landsverdediging te kanaliseren en te organiseren in de vorm van de Vrijwillige Landstormkorpsen. Alhoewel Nederland niet bij de Eerste Wereldoorlog betrokken raakte, liep de sterkte van de Landstormkorpsen op van rond de 20.000 vrijwilligers tot bijna 100.000 vrijwilligers bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in 1940.”

De dagorder vervolgt: “Het Korps Nationale Reserve heeft zich in de loop der jaren weten te ontwikkelen tot een professioonele en flexibel inzetbare eenheid van de Koninklijke Landmacht. De vrijwilligers van het korps geven hun vrije tijd om de Koninklijke Landmacht, en daarmee de Nederlandse samenleving, te dienen. Ook zij vechten voor vrede en vrijheid en gaan door waar anderen moeten stoppen.”

De dagorder is door Commandant Landstrijdkrachten, luitenant-generaal Mart de Kruif, getekend op 28 augustus jl.

Ook in 1973, toen de reservisten het – uitgaande van het toen nog in aanmerking genomen oprichtingsjaar 1948 - hun 25-jarig bestaan vierde, ontving het Korps Nationale Reserve een dagorder. Bevelhebber der Landstrijdkrachten luitenant-generaal Gerrit IJsselstein sprak daarmee zijn waardering uit voor de vrijwilligers.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

WOENSDAG 28 NOVEMBER 2012

Eerste werkbezoek nieuwe minister aan KL

Vanochtend heeft Minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert voor het eerst een werkbezoek gebracht aan de Koninklijke Landmacht.

Haar bezoek aan de Oranjekazerne in Schaarsbergen maakte deel uit van haar introductietour langs de diverse krijgsmachtdelen na haar aantreden op het ministerie op 5 november jl.

In Schaarsbergen werd zij ontvangen door de Commandant Landstrijdkrachten, luitenant-generaal Mart de Kruif, die deze dag optrad als gastheer.

Aansluitend bekeek ze tijdens een rondleiding op de kazerne diverse activiteiten, zoals van de Explosieven Opruimingsdienst Defensie, Forward Air Controllers, genisten en verkenners met het onbemande vliegtuig Raven. Ook bezocht ze een demonstratie air assault op het nabijgelegen Militair Luchtvaart Terrein Deelen.

Met dank aan: officiële website van het Ministerie van Defensie, Otte Beeksma en Grace van Daelen.

Terug naar Boven of naar Homepage

CBRN-response voor nationale operaties

Vanaf 1 december staat een speciale militaire eenheid 24/7 gereed om uit te rukken bij CBRN-incidenten. Vandaag heeft Commandant Landstrijdkrachten, luitenant-generaal Mart de Kruif, in Vught de CBRN-responsecapaciteit van Defensie overgedragen aan de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) van het ministerie van Veiligheid en Justitie. Tijdens de ceremonie was het NCTV vertegenwoordigd door de heer Theo Bot.

Op de eenheid, bestaande uit ruim 50 militairen, kan bij chemische, biologische, radiologische of nucleaire (CBRN) rampen of aanslagen door ambulancediensten, brandweer en politie een beroep worden gedaan. Hierna dient een Advies & Assistentie team van de eenheid binnen twee uur actief te zijn. Ook kunnen een Detectie, Identificatie & Monitoring (DIM) groep en Ontsmettingscapaciteit worden geactiveerd, met een opkomsttijd van respectievelijk 2½ en zes uur.

De gegarandeerde CBRN-capaciteit kan de civiele autoriteiten bijstaan met advies, stoffen identificeren en assisteren bij een ontsmetting. Hiertoe is de eenheid voorzien van opsporings-, identificatie- en ontsmettingsmiddelen.

De oprichting van de CBRN-eenheid is een uitvloeisel van de Intensivering Civiel-Militaire Samenwerking (ICMS) tussen de ministeries van Defensie en van Veiligheid en Justitie, waarbij het laatste ministerie de kosten draagt.

Op dit moment wordt er op de Joint CBRN School in Vught al samengewerkt met civiele instanties. In 2013 wordt hier een nationale trainingsfaciliteit geopend, waar alle opleidingen voor de bestrijding van CBRN-rampen onder één dak worden gebracht.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

ZONDAG 25 NOVEMBER 2012

Film Landmachtdagen van Martin Gierveld

Vanaf vandaag is op de website van Entertain Media de 17 minuten durende reportage over de Landmachtdagen 2012 van freelance cameraman Marvin Gierveld te zien.

De 20-jarige filmmaker uit het Overijsselse Goor filmde dit jaar tijdens de Landmachtdagen op de Generaal-majoor De Ruyter-Van Steveninckkazerne in Oirschot – thuisbasis van 13 Gemechaniseerde Brigade.

In de film zijn divere interviews te zien met militairen. Deze zijn allemaal ‘unscripted’ en zonder tussenkomst van persvoorlichters.

Martin Gierveld tekende zelf voor de regie, het camerawerk en de montage. De interviews werden afgenomen door Fleur Wever-Voorneveld en Deniz Alkaç.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

ZATERDAG 24 NOVEMBER 2012

Julian Lindley-French waarschuwt NL Defensie

In NRC Handelsblads weekendbijlage Opinie & Debat stelt prof. dr. Julian Lindley-French dat Nederland betekenisloosheid riskeert door steeds verder in zijn Defensie te snijden.

Lindley-French - voormalig docent Defensiestrategie aan de Nederlandse Defensie Academie (NLDA) en tegenwoordig onder meer lid van het Strategic Advisory Panel van de Britse Chief of Defence Staff en hoofd van de ARRC Commander's Initiative Group - geeft aan dat de Nederlandse regering sinds de jaren ’90 van de vorige eeuw de krijgsmacht het mes op de keel heeft gezet.

Anno 2012 zijn de gevolgen van “dit overhaaste politieke afscheid van een realistische Defensie” somber, nu Europa op weg is naar een wereld met hyperconcurrentie om hulpbronnen en chronische instabiliteit aan zijn grenzen. Nederland loopt gevaar door de toenemende scheve bondgenootschappelijke verdeling van risico's en lasten.

Van de sterk verlaagde Defensiebegroting blijft “10-15 procent” over voor investeringen. Volgens Lindley-French is dit onhoudbaaren zal het op den duur leiden tot het feitelijk einde van het Nederlandse leger als strijdmacht. Ter vergelijking: Groot-Brittannië investeert met eveneens bezuinigingen op zijn krijgsmacht jaarlijks € 20 miljard!

De gevolgen van deze onhoudbare terugloop aan investeringen zal groot zijn: Groot-Brittannië zal Nederland als bondgenoot minder op waarde schatten, de technologische kloof tussen de twee landen zal groeien en ertoe leiden “dat beide legers nog heel moeilijk samen operaties kunnen uitvoeren”, en de NAVO zal door gebrek aan slagkracht een langzame dood sterven.

Waar combined operaties niet meer tot de mogelijkheden behoren, zou de krijgsmacht de politieke onwil nog kunnen keren. Overeenkomstig het nieuwgevormde Britse Joint Forces Command, zou Nederland synergie kunnen halen uit joint optreden. Dit lijkt te zijn vastgelopen, aldus Lindley-French.

Het in evenwicht brengen van slagkracht en betaalbaarheid wordt binnenkort duidelijk, zo stelt Lindley-French verder, met bijvoorbeeld de aanschaf van de F-35 Joint Strike Fighter of de vervanging van de Walrus-onderzeeërs.

Lindley-French: “Uiteindelijk komt het hierop neer: als Den Haag nog veel verder in de strijdmacht snijdt, wordt een punt bereikt waarop het zinniger zou zijn om het hele leger af te schaffen.”

Voordat dit point-of-no-return is bereikt, ziet Lindley-French twee keuzes: een gespecialiseerd onderdeel “met een paar goede formaties en mogelijkheden” of een geheel geïntegreerde Defensie met andere kleine, minder ambitieuze Europese landen.

Volgens Lindley-French zal eerst de Nederlandse politiek “bij zinnen” moeten komen en zich rekenschap dienen te geve udeert dat het tijd wordt dat Den Haag zijn Defensiewaarheid onder ogen ziet.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

VRIJDAG 23 NOVEMBER 2012

"Defensie dient ambties beheer bij te stellen"

In een brief d.d. 21 november jl. heeft de Algemene Rekenkamer de Tweede Kamer geïnformeerd over de voortgang van het beheer bij het Ministerie van Defensie. In de brief zet de Rekenkamer vraagtekens bij de haalbaarheid van de ambities van de minister om in 2012 het financieel en personeelsbeheer en in 2014 het materieelbeheer op orde te hebben.

De Rekenkamer reageert hiermee op de Kamerbrief ‘Verbeteringen van het beheer bij Defensie’ van demissionair Minister van Defensie Hans Hillen van 25 oktober jl.

In die brief informeerde de toenmalige bewindsman de Tweede kamer over de stand van zaken tot augustus 2012.

Hoewel de Rekenkamer constateert dat het ministerie veel inspanningen verricht om het beheer op orde te krijgen, stelt ze tezelfdertijd vast dat de minister de verwachtingen vaak heeft moeten bijstellen maar vasthield aan de ambities voor het beheer. Rekening houdend met “de komende cruciale fase van de reorganisatie”, raadt de Rekenkamer de Tweede Kamer aan de ambities voor de komende kabinetsperiode te heroverwegen.

Op het vlak van materieelbeheer verwacht de Rekenkamer dat “de spanning tussen het programma SPEER*, de reorganisatie en de verbetering van het materieelbeheer” de komende tijd verder zal toenemen.

In de brief van 25 oktober jl. geeft de Minister van Defensie op personeelsgebied aan dat de aanvulling van de digitale personeelsdossiers “in ieder geval geldt voor vier wettelijke documenten: de aanstellingsbrief, het identiteitsbewijs, de eed/belofte en de verklaring loonheffing.” Hoewel minister Hillen aangaf dat er op 01-08-2012 al 34.000 personeelsdossiers op orde waren gebracht, geeft de Rekenkamer aan dat het van belang is dat het Ministerie van Defensie beschikt over een deugdelijk dossier van ieder personeelslid “dat verder reikt dan de genoemde documenten." Dit is vooral van belang met het oog op de lopende reorganisaties.

* Defensie startte in 2000 met het ICT-project SPEER (Strategic Process and Enterprise Resource Planning). Met deze software automatiseert Defensie onder andere zijn materieellogistieke en financiële processen. Delen van de programmatuur zijn reeds in gebruik en de afronding staat gepland voor juni 2014. Dan ondersteunt SPEER de automatisering van de Defensiebrede bedrijfsvoering, het joint operationeel optreden en het besturingsmodel.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

WOENSDAG 21 NOVEMBER 2012

Riekelt Pasterkamp interviewt Dick Berlijn

In stadscafé-restaurant De Zalm in Gouda wordt vanavond vanaf 20.00 uur een tafelgesprek gehouden Dick Berlijn, Commandant der Strijdkrachten van 2004 tot 2008. De bijeenkomst wordt georganiseerd door het Conservatief Café, dat als doelstelling heeft “het samenbrengen van conservatieven uit alle geledingen van de samenleving.”

Na een korte inleiding over de toekomst van Defensie binnen Europa, wordt de generaal b.d. over de thema’s digitale veiligheid, piraterijbestrijding, onbemande oorlogsvoering en de toenemende civiel-militaire samenwerking geïnterviewd door Defensiejournalist Riekelt Pasterkamp.

Dick Berlijn is tegenwoordig Senior Board Advisor digitale veiligheid bij Deloitte. Daarnaast bekleedt hij verschillende nevenfuncties en is hij ook adjudant in buitengewone dienst van Hare Majesteit.

Pasterkamp, onder andere bekend van zijn boeken Uruzgan. Militair, mens, missie (2007) en Thuisfront Uruzgan (2010), schrijft helder en bondig over thema’s als Defensie, politiek en de Verenigde Staten.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

MAANDAG 19 NOVEMBER 2012

KL-erekoord voor adjudant Van Reyswoud

Tijdens een bijeenkomst van het personeel van het Defensiebedrijf Grondgebonden Systemen (DBGS) heeft stafadjudant Eric van Reyswoud het rode KL-erekoord ontvangen uit handen van de commandant DBGS, kolonel Hans Damen.

Adjudant Van Reyswoud, sinds eind oktober 2011 op deze functie, ontving de bijzondere onderscheiding wegens het gedurende een reeks van jaren op uitmuntende wijze vervullen van zijn taak als stafadjudant, bij meerdere eenheden. Hij heeft zich daarbij in gedrag en plichtsbetrachting voortdurend onderscheiden op het domein van de onderofficier.

Daarnaast draagt hij actief bij aan de gedachtevorming rondom de rol en positie van stafadjudanten, het functioneren van de eenheid en de toekomst van het Regiment Technische Troepen binnen het dienstvak Logistiek.

Door zijn integere en loyale opstelling is hij een grote steun voor zijn commandanten en een voorbeeld voor vele militairen binnen en buiten de eenheden waarbij hij gediend heeft.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

VRIJDAG 16 NOVEMBER 2012

Samenwerking Defensie en industrie

“De samenwerking tussen Defensie en het bedrijfsleven is een van de belangrijkste factoren voor het succes van de Nederlandse Defensie-industrie.”

Met deze woorden benadrukte Bernard Wientjes, voorzitter van de werkgeversvereniging VNO-NCW, gisteren op het symposium 'Veiligheid komt niet vanzelf' in AHOY in Rotterdam de rol die de krijgsmacht voor de Nederlandse economie speelt.

Het evenement waar het gehele veiligheidsdomein aanwezig is, werd voor de 24ste maal georganiseerd door de stichting Nederlandse Industrie voor Defensie en Veiligheid (NIDV).


In aanwezigheid van onder andere de Commandant der Strijdkrachten (CDS), generaal Tom Middendorp, en de Commandant Landstrijdkrachten (C-LAS), luitenant-generaal Mart de Kruif, presenteerden ruim 130 bedrijven zich. De CDS sprak van “gezamenlijke win-winsituaties” in de ontwikkeling van flexibele en technologisch geavanceerde oplossingen voor de krijgsmacht.

Een voorbeeld hiervan zijn de nieuwe Oceangoing Patrol Vessels (OPV's) van de Holland-klasse - nog vorige week uitgeroepen tot Schip van het Jaar. Volgens de CDS “een trendsettend en toekomstbestendig schip, toegerust op de veranderende eisen van onze militaire omgeving.”

Ook benadrukte hij de ondersteunende rol die Defensie kan spelen in innovatie: “Onze kennis kan u helpen de juiste producten te ontwikkelen. Onze eenheden kunnen een testbank zijn voor nieuwe technieken en concepten. Zo kunt u het product nog tijdens de ontwikkelfase beter maken. Defensie kan zo ook een uithangbord zijn voor onze kennisinstituten en industrie.”

Luitenant-generaal De Kruif ondertekende tijdens de beurs een initiatief om de samenwerking tussen de Koninklijke Landmacht en de Nederlandse defensie-industrie te verdiepen. Samen met vertegenwoordigers van de eerste vijf deelnemende bedrijven - Dutch Defence Vehicle Systems (DDVS), Rheinmetall MAN Military Vehicles Nederland, Scania Nederland, Thales Nederland en Van Halteren Metaal - zette hij zijn handtekening onder het gezamenlijk uitgangspunt: gaan voor een wereldwijd inzetbare landmacht.

“Via dit platform kunnen we informatie continu en vooral proactief in plaats van reactief delen. Daarmee kunnen we de beschikbaarheid van bijvoorbeeld onze Fennek-verkenningsvoertuigen en Scania-vrachtwagens verhogen. Dat is mijn primaire doel”, aldus C-LAS.

Door het Land Maintenance Initiative zullen de bestaande contracten met én contacten in de Defensie-industrie toenemen. De KL gaat het Land Maintenance Initiative de komende twee jaar coördineren en faciliteren en houdt daarbij de dialoog met de stichting NIDV in stand. Op de staf op de Kromhoutkazerne in Utrecht zullen vertegenwoordigers van de landmacht en de genoemde bedrijven onderling vorm en inhoud geven aan het Land Maintenance Initiative Programme.

Terug naar Boven of naar Homepage

Archeologen op jacht naar militair erfgoed

Honderden archeologen uit Nederland en België buigen zich vandaag en morgen over het militaire erfgoed dat in de bodem verborgen ligt. Dat wordt gedaan tijdens de 42ste Reuvensdagen – het nationale archeologiecongres – die worden gehouden in congrescentrum de Reehorst in Ede.

Het congres is vernoemd naar Caspar Reuvens (1793-1835), de eerste hoogleraar archeologie ter wereld.

Alleen al in  de bodem van Ede  liggen veel militaire resten: niet alleen uit de Tweede Wereldoorlog, toen er onder meer bij de Grebbelinie is gevochten, maar zelfs uit de Romeinse tijd. Door het gebied loopt namelijk de Limes, de noordelijke grens van het voormalige Romeinse Rijk. De Limes staat op de nominatie om op de Werelderfgoedlijst (World Heritage List) van UNESCO te komen.

Volgens de organisatie van de Reuvensdagen staat het onderzoek naar militair erfgoed in Nederland nog in de kinderschoenen. Er zijn tot nu toe maar enkele onderzoeken gedaan, onder andere naar slagvelden uit de Tachtigjarige Oorlog.

Onder de titel 'Van Wijster naar Ede en over de Rijn' heeft prof. dr. Wim van Es op het congres de key-note speech uitgesproken. Van Es geldt als één van de nestors van de Nederlandse archeologie. In de lezing trok hij er met zijn gehoor op uit in het laat-Romeinse landschap, onderweg naar Ede.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

Presentatie prototypes Turkse tank Altay

De vier prototypes van de eerste ooit door Turkije zelf ontworpen en gebouwde tank zijn gepresenteerd. In aanwezigheid van de Turkse premier Recep Tayyip Erdoğan werden de prototypes van de main battle tank (MBT) Altay geïntroduceerd tijdens een ceremonie in de fabriek van Otokar in Adapazarı.

Hierbij waren tevens de Turkse Minister van Defensie İsmet Yılmaz en de Zuid-Koreaanse ambassadeur in Turkije, Lee Sang-kyu, aanwezig.

In beginsel zal een batch van 250 MBT’s voor de Turkse landstrijdkrachten worden gefabriceerd. Medio 2013, of uiterlijk begin 2014, zal de Altay – genoemd naar general Fahrettin Altay, die het 5de Cavalerie Corps aanvoerde tijdens de laatste fase van de Turkse Onafhankelijkheidsoorlog (1919-'23) – in productie worden genomen. Dit is één tot twee jaar eerder dan gepland.

Otokar werkt in alle fases van de productie nauw samen met het Zuid-Koreaanse Hyundai Rotem (120 mm kanon) en het Duitse MTU (dieselmotoren). Deze bedrijven participeren onder andere in de keurings- en certificeringsprocessen van de Altay.

Het project Altay startte vier jaar en vier maanden geleden. Daarmee zijn de ontwikkelingen tot de huidige vier prototypes van deze derde generatie main battle tank van 6o ton opmerkelijk snel gegaan.

De Altay zal, mede dankzij een nieuwe generatie vuurcontrolesysteem, zelfs bewegende doelen met grote precisie kunnen aangrijpen.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

WOENSDAG 14 NOVEMBER 2012

Prins van Oranje bij overleg Landmachtraad

Zijne Koninklijke Hoogheid de Prins van Oranje heeft vanochtend op de Kromhoutkazerne in Utrecht een overleg bijgewoond van de Landmachtraad van het Commando Landstrijdkrachten (CLAS).

De Landmachtraad is een maandelijks overleg van de Commandant Landstrijdkrachten (C-LAS) met zijn ondercommandanten en belangrijkste adviseurs.

Tijdens deze Landmachtraad werd onder meer gesproken over het belang van het samenwerkingsverband tussen Defensie, Defensie-industrie en onderzoeksinstituten voor de ontwikkeling van innovatief Defensiematerieel.

Terug naar Boven of naar Homepage

Thom Karremans wil dat OM knoop doorhakt

Thom Karremans, voormalig commandant van Dutchbat III, wil dat het Openbaar Ministerie vóór eind november de knoop doorhakt over het strafrechtelijk onderzoek tegen hem. Volgens zijn advocaat Geert-Jan Knoops is Karremans het wachten beu.

Nabestaanden van slachtoffers van Srebrenica deden in juli 2010 aangifte tegen Karremans en twee andere leidinggevenden van Dutchbat-3 wegens oorlogsmisdaden en genocide.

Volgens de nabestaanden zijn de leidinggevenden van Dutchbat-3 verantwoordelijk voor de dood van hun familieleden. Die werden door de Nederlandse militairen van de compound gezet terwijl duidelijk was dat ze groot gevaar liepen. Daardoor hebben de Nederlandse militairen meegeholpen aan de genocide, vinden de nabestaanden.

Het Openbaar Ministerie worstelt met de aangifte. Vervolging leek eerder dit jaar dichterbij te komen door het advies van de landelijke reflectiekamer aan de top van het OM. Volgens de reflectiekamer, die bestaat uit topfiguren van binnen en buiten het OM, is vervolging van Karremans juridisch mogelijk en ook opportuun.

Toch stelt het OM de beslissing voortdurend uit. Knoops heeft de hoofdofficier van justitie in Arnhem nu gevraagd vóór 30 november a.s. een besluit te nemen.

Volgens de advocaat kan het OM niet anders dan de aangifte terzijde leggen omdat de aangifte al twee jaar en vier maanden oud is en het OM ook de 15 jaar daarvoor geen actie heeft ondernomen.

Bovendien blijkt Karremans te beschikken over brieven uit 2004 en 2005 van het Ministerie van Defensie waarin hem maximale vrijwaring wordt toegezegd voor civielrechtelijke gevolgen van de val van Srebrenica. Hoewel de vrijwaring dus niet geldt voor strafrechtelijke gevolgen, had Karremans op basis van de brieven erop moeten kunnen vertrouwen dat hij ook strafrechtelijk niet zou worden aangepakt, zegt Knoops.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

ZATERDAG 10 NOVEMBER 2012

Symposium in kader sluiting Legermuseum

In het Legermuseum in Delft vindt vandaag het symposium ‘Een militair-historisch afscheid van het Legermuseum in Delft’ plaats. Dit heeft plaats vanwege het feit dat het museum op 5 januari 2013 definitief de deuren zal sluiten. Vanaf medio 2014 zal de museumcollectie deel uitmaken van het Nationaal Militair Museum in Soesterberg.

Het symposium wordt georganiseerd door het Legermuseum en de Nederlandse Vereniging voor Militaire Historie Mars et Historia.

Na een welkomstwoord door de algemeen directeur van het Legermuseum, drs. Chris Ronteltap, en de opening van het symposium door de voorzitter van Mars et Historia, drs. Rolf de Winter, zullen diverse sprekers ingaan op militair-historische onderzoeken en onderwerpen die aansluiten bij de geschiedenis en de toekomst van het Legermuseum.

Conservator dr.  Louis Ph. Sloos van het Legermuseum zal de memoires van Nederlandse veteranen uit de Russische veldtocht in 1812 aanhalen; dr. Kees Schulten, oud-directeur van het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie, het masterplan van Napoleon in de campagne van Waterloo in 1815; historicus/archivist Teus Mejan de evolutie van de Militaire Willems-Orde; historicus Jelmer Rotteveel ‘De Tiendaagse Veldtocht en de modernisering van het Europese krijgsbedrijf’; dr. Jos Smeets verhaalt over de marechaussee, diplomaat én museumdirecteur Marius van Houten; en luitenant-generaal b.d. Dick Starink van de Koninklijke Luchtmacht spreekt over ‘De geschiedenis van het luchtwapen in het Nederlandse leger, 1913-1939’.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

VRIJDAG 9 NOVEMBER 2012

25 jaar homo-emancipatie krijgsmacht

De Stichting Homoseksualiteit en Krijgsmacht (SHK) viert vandaag haar 25-jarig bestaan. Luitenant-generaal Willem van de Water, de Hoofddirecteur Personeel (HDP) van het Ministerie van Defensie, neemt tijdens de feestelijke viering in het Leerhotel Het Klooster in Amersfoort het boek 'Defensies Trots' in ontvangst.

Onder leiding van dagvoorzitter Pauline van Antwerpen zal onder andere een paneldiscussie plaatshebben over homo-emancipatie en het belang en de noodzaak voor LHBT-beleid. De panelleden zijn prof. dr. Désirée Verweij, hoogleraar filosofie en (militaire) ethiek aan de Nederlandse Defensie Academie (NLDA), Harry van Dorenmalen, algemeen directeur van IBM Nederland, Paul Overdijk, directeur strategie van Post.nl, Sandra Keijer, vice-voorzitter van de SHK en Tanja Ineke, voorzitter van het COC Nederland.

De SHK komt sinds 1987 op voor de belangen van lesbische vrouwen, homoseksuele mannen, biseksuelen en transgenders (LHBT) bij Defensie. Sindsdien is de tolerantie voor LBHT onder Defensiepersoneel gegroeid, is homoseksualiteit op de werkvloer bespreekbaar en is ook de zichtbaarheid vergroot.

Majoor Peter Kees Hamstra, voorzitter van de SHK, plaatst wel een kanttekening: “In de beginjaren van de SHK is aangekondigd dat de stichting zichzelf zou opheffen zodra alle belemmeringen voor LHBT-personeel zouden verdwijnen. Nu, 25 jaar later, kunnen we vaststellen dat die dag niet is aangebroken. Er zijn nog altijd mannen en vrouwen die niet voor hun geaardheid durven uitkomen. De SHK zal daarom blijven strijden voor sociale acceptatie.”

In 2009 nam personeel van Defensie voor het eerst in uniform deel aan de Canal Pride in Amsterdam. Twee jaar later deed Defensie, op initiatief van de SHK, mee met een eigen boot.

Ook leverde de SHK een bijdrage aan het Amerikaans onderzoek dat heeft geleid tot het afschaffen van het Don't Ask, Don't Tell beleid in 2010.

Het boek ‘Defensies Trots. 25 jaar Stichting Homoseksualiteit en Krijgsmacht’ (ISBN 9789090272481) – een bundeling van columns en interviews – is geschreven door Jaus Muller met medewerking van Marleen Swenne en Klara Paternotte.

Muller schreef in 2009 ook Op Missie. De Uruzgan-veteranen: het avontuur, de angst en de thuiskomst.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

DONDERDAG 8 NOVEMBER 2012

Première 'De mannen van De Molenhoeve'

In ontmoetingscentrum De Kiepe in Nieuwe Pekela, Groningen, gaat vanavond voor genodigden en direct betrokkenen de documentaire 'De mannen van De Molenhoeve' van Dorothée Forma in première.

De documentaire vertelt het − lange tijd onderschatte − verhaal van veteranen met psychische problemen. Bij sommigen openbaarden de problemen zich pas na tien jaar. Ze vertellen hoe zij weer greep proberen te krijgen op hun leven. Door gebrek aan gedeelde ervaring kunnen familie en vrienden niet altijd als klankbord dienen.


De naam van de documentaire is afgeleid van het veteranenhuis De Molenhoeve in Veendam, Oost-Groningen. Hier startte in 2010 een groepje veteranen een inloophuis voor oudgedienden bij Defensie. Ondanks de psychische problemen ervaren ze de tijd in dienst ook als positief; ze verlangen zelfs naar de saamhorigheid en vriendschap. In De Molenhoeve zijn ze met de maten onder elkaar en kunnen ze hun oorlogservaringen delen.

Forma maakte de 50 minuten durende documentaire, geproduceerd door Hasse van Nunen, in samenwerking met humanistisch geestelijk verzorgers bij Defensie.

In de documentaire kijken de drie Libanon-veteranen Bert Nanninga, Eertwijn de Groot en Peter Weterholt; Koert Inderwisch (Bosnië-Hercegovina); en Gerard Mollenhorst (Irak, Afghanistan en de Balkan) terug op hun missies.

Sinds 1945 heeft Nederland aan vele buitenlandse missies deelgenomen. Op dit moment telt Nederland ± 140.000 veteranen, deels nog in actieve dienst. In Oost-Groningen wonen naar schatting 1.100 veteranen.

Op 3 december a.s. om 22.55 uur zal ‘De mannen van De Molenhoeve’ worden uitgezonden bij Human op Nederland 2.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

WOENSDAG 7 NOVEMBER 2012

Vuilnisman vindt LAW M72 tijdens werk

Een vuilnisman in Mijdrecht, in de gemeente De Ronde Venen, heeft vandaag bij zijn vuilophaalronde een licht antitankwapen aangetroffen. Het wapen lag in een vuilcontainer langs de kant van de weg. Toen de man de container in de vuilniswagen leeggooide, hoorde hij een harde klap en zag hij het wapen tussen het afval liggen.

Vervolgens heeft hij het wapen niet afgeleverd in het politiebureau in Mijdrecht, maar vanwege de veiligheid in een parkje vlakbij. Onmiddellijk hierna werd door de politie de omgeving afgezet. Volgens de politie was het wapen geladen.

Het gaat om een LAW M72, die tientallen jaren bij de Koninklijke Landmacht in gebruik is geweest. Met het 66 mm licht pantserbestrijdend wapen kunnen doelen tot maximaal 200 meter worden uitgeschakeld. Binnen de KL was de LAW M72 de opvolger van de Bazooka en de voorloper van de AT-4.

Na de vondst werd de Explosieven Opruimingsdienst Defensie (EODD) gewaarschuwd, die het wapen voor onderzoek heeft meegenomen. Het is niet bekend hoe de LAW bij het vuilnis is terechtgekomen.

Terug naar Boven of naar Homepage

 

MAANDAG 5 NOVEMBER 2012

Hennis-Plasschaert beëdigd op Defensie

Vandaag heeft Koningin Beatrix de ministers uit het kabinet-Rutte II beëdigd. Eén van hen is de nieuwe Minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert (VVD). Na de beëdiging verscheen Hare Majesteit met de ministersploeg op het bordes van Paleis Huis ten Bosch.

De nieuwe Minister van Defensie – die het roer overnam van CDA-politicus Hans Hillen - wil op haar departement bruggen slaan tussen de verschillende krijgsmachtdelen. Ook zal ze zich inzetten om het draagvlak voor de marine, lucht- en landmacht in de samenleving te vergroten.

De eerste woorden van de nieuw aangetreden Minister van Defensie: “Ik heb me in al mijn functies ingezet voor een sterk Nederland. Een fitte krijgsmacht speelt daarin een grote rol. Ik zie het dan ook als een eer én een uitdaging hieraan te mogen bouwen."

Onder Rutte I kreeg Defensie te maken met een bezuiniging van € 1 miljard. De ingezette bezuinigingsreorganisatie is nu halverwege. De toestand bij de krijgsmacht is echter "niet desolaat'' en het personeel is volgens Hillen goed gemotiveerd.

Een ander heikel punt binnen de krijgsmacht is de F-35 (Joint Strike Fighter). Defensie wil de Joint Strike Fighter als opvolger van de F-16; de VVD wil de JSF graag, terwijl de PvdA er juist van af wil. Volgend jaar wordt hierover een besluit genomen. Dat gaat "zeker lukken'', zegt Hennis-Plasschaert.

Nederland rust volgens de nieuwe bewindsvrouw op drie stevige pijlers: vrijheid, veiligheid en welvaart.

“Onze militairen werken elke dag aan het beschermen en versterken van deze pijlers, in Nederland en daarbuiten. Want werken aan internationale vrede en veiligheid, is voor een handelsland als Nederland van groot belang. De krijgsmacht doet daarmee belangrijk werk voor alle burgers en bedrijven in Nederland. Wij profiteren daar allemaal van, elke dag. Daarom zal ik mij de komende vier jaar sterk maken voor Defensie. Dat is niet alleen van belang voor Defensie zelf, maar vooral ook voor iedereen in Nederland.”

De eerste vrouwelijke minister ooit op Defensie realiseert zich dat de krijgsmacht zich in een moeilijke fase bevindt: “Ik zal me er, samen met alle Defensiemedewerkers, krachtig voor inzetten dat de krijgsmacht in staat blijft in internationaal verband de veiligheid van ons land te garanderen en bij te dragen aan vrede en veiligheid in de wereld.”

Hennis-Plasschaert zal, in overleg met de Minister van Buitenlandse Zaken "een visie op de krijgsmacht van de toekomst maken. Een visie waarin de financiën voor langere termijn op orde worden gebracht, waarin ambitie en taken in evenwicht zijn, waarin ruimte is voor innovatie en waarmee het draagvlak voor de organisatie geborgd wordt.”

Terug naar Boven of naar Homepage

 

ZONDAG 4 november 2012

Snijden in Defensie mogelijk ongrondwettelijk

De grondwettelijke taak van de krijgsmacht komt in het gedrang door de bezuinigingen. Daarvoor waarschuwt vertrekkend Minister van Defensie Hans Hillen vanavond in het televisieprogramma Brandpunt (22.15 uur, Nederland 2).

De grondwettelijke taak van de krijgsmacht is vastgelegd in artikel 97 van de grondwet.

Volgens de bewindsman komen de banden met de NAVO-partners verder onder druk te staan. Nederland zou volgens de afspraken binnen het militaire bondgenootschap 2% van zijn nationaal product aan Defensie moeten uitgeven, maar dit komt nu uit op iets meer dan de helft.

”Nederland heeft alle suiker eruit gehaald die eruit te halen viel”, zegt Hillen. “Ik denk echt dat we de bodem hebben bereikt." Hij wijst erop dat allerlei achterstanden nog moeten worden ingelopen. Er zijn volgens de minister te weinig munitie, kleding, brandstof en reserveonderdelen. “In feite is de wissel die op defensie is getrokken te zwaar.”

Het nieuwe kabinet heeft een extra bezuinigingen op Defensie afgesproken, oplopend tot € 250 miljoen in 2017. In ruil daarvoor wordt eenzelfde bedrag, voor vredesoperaties, beschikbaar gesteld door het Ministerie voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking.

Hillen, die al vaker heeft geklaagd over het snijden in de krijgsmacht, stelt verder dat de afspraken binnen de NAVO in het gedrang komen: “Amerika betaalde een jaar of tien, vijftien geleden ongeveer 50% van de NAVO en Europa de andere helft. Nu betaalt Amerika 75% en Europa nog maar een kwart. Europa is aan het klaplopen.”

Terug naar Boven of naar Homepage

 

DONDERDAG 1 november 2012

Presentatie 'cyberkolonel' op beurs-seminar

Op de tweede dag van de beurs-annex-seminar Infosecurity in Utrecht heeft onder andere kolonel ir. Hans Folmer, sinds september 2011 commandant van de Taskforce Cyber bij de Defensiestaf gesproken.

Folmer, belast met de implementatie van het cyberprogramma binnen de krijgsmacht, gaf vanmiddag aan dat een “zuivere cyberoorlog”, waar de vijand alleen via het internet wordt bestreden, niet bestaat.

Het digitale domein is, naast het land, de lucht, de zee en de ruimte, inmiddels het vijfde domein voor militair optreden. Digitale middelen zullen in toenemende mate integraal deel uitmaken van het militaire optreden. De afhankelijkheid van digitale middelen leidt daarentegen ook tot kwetsbaarheden die urgente aandacht behoeven.

De Nederlandse krijgsmacht trekt hier de noodzakelijke conclusies uit en wil in het digitale domein de vooraanstaande rol spelen die bij ons land past. Om de inzetbaarheid van de krijgsmacht te waarborgen en haar effectiviteit te verhogen, versterkt Defensie de komende jaren haar digitale weerbaarheid en ontwikkelt zij het vermogen om cyberoperaties uit te voeren.

In zijn presentatie ging hij in op de afhankelijkheid van digitale middelen en de daarmee samenhangende kwetsbaarheid. Die echter ook kansen biedt! Defensie moet gebruik maken van de nieuwe technologie en kunnen opereren in het cyberdomein. Cyber is als operationele capaciteit een force-multiplier op het moderne gevechtsveld.

Succesvolle aanvallen of grootschalige uitval van informatietechnologie (IT) kunnen voor een ontwrichte samenleving zorgen. Volgens Folmer worden veel van de problemen echter door mensen zelf veroorzaakt: “90% van de cyberincidenten is afkomstig van mensen die zelf fouten maken, patches (software dat door de uitgever van software gebruikt wordt om fouten op te lossen of updates uit te voeren aan zijn software, BP) niet installeren of hun wachtwoorden vergeten te wijzigen.”

Kwetsbaarheid biedt ook kansen: “De tegenstander is namelijk net zo kwetsbaar als wij zijn." Zelfs de Taliban in Afghanistan gebruikte GSM's en internetcafés. "En waren daar in zekere mate ook afhankelijk van", ging Folmer verder.

Een oorlog waarbij Defensie alleen via internet zal opereren is volgens Folmer een illusie: “Een zuivere cyberoorlog bestaat niet. […] Je kunt in cyberspace niet je uiteindelijke wil aan de tegenstander opleggen. Je kunt wel een slag winnen, maar niet de oorlog. Er zal altijd interactie zijn met de andere domeinen.”

Volgens kolonel Folmer mag Defensie in het geval van een cyberaanval met conventionele wapens terugslaan - “binnen de regels van het VN Handvest en de Geneefse Conventie en binnen proporties.

Tot slot vindt Folmer dat elke militair en burgermedewerker kennis van cyber moet hebben: “Van awareness over mobiele telefoons en wat je op Facebook zet tot wat de dreiging is waarmee we te maken hebben en hoe dit in een operatie is te gebruiken. Iedereen moet daarin worden opgeleid."

Terug naar Boven of naar Homepage

Commando-overdracht 400 Gnkbat Ermelo

Op de Legerplaats Ermelo vindt vanmiddag de commando-overdracht plaats van de commandant van 400 Geneeskundig bataljon (400 Gnkbat). Luitenant-kolonel Peter Maarse zal het commando overgeven aan zijn ranggenoot Jaco Brosky.

De overste Brosky was hiervoor G7 Hoofd Scripting van de oefening Peregrine Sword, die in september jl. in Duitsland haar beslag kreeg. Vanaf 2009 heeft de overste Brosky verschillende functies vervuld op het hoofdkwartier van 1 (German/Netherlands) Corps in Münster.

In september 2011 had hij als plaatsvervangend projectleider een hoofdrol in de projectoefening Common Effort. Onder het motto "We believe cooperation should start before we meet abroad in a crisis" waren hierin, naast militairen, de Nederlandse en Duitse ministeries van Buitenlandse Zaken, IO’s en NGO’s betrokken.

Mede vanwege zijn inspanningen met betrekking tot de oefening Common Effort, kreeg de overste in juli dit jaar uit handen van zijn chef-staf, brigadegeneraal Dieter Warnecke, het Ehrenkreuz der Bundeswehr in Silber.

De overste Brosky begon zijn carrière als pelotonscommandant van het Geneeskundig peloton van 42 Pantserinfanteriebataljon en plaatsvervangend commandant van 41 Geneeskundige compagnie.

De overste Maarse was sinds eind juni 2010 commandant van 400 Geneeskundig bataljon – als opvolger van luitenant-kolonel Dick Sinnige. Het is nog niet bekend welke functie de overste Maarse hierna gaat vervullen.

Gedurende zijn bijzonder veelzijdige carrière was de overste onder meer werkzaam in de staf van het Nationaal Commando in Gouda. Als commandant van 421 Hospitaalcompagnie werd hij in 2001 uitgezonden naar Sipovo, Bosnië-Hercegovina, als commandant van de Multinational Integrated Medical Unit (MIMU) - een role 3.

Na zijn brevettering Hogere Militaire Vorming werkte de overste Maarse in de staf van het Landelijk Bevoorradingsbedrijf (LBB), voltooide hij de Advanced Command and Staff Course (ACSC) aan de Britse Defence Academy, doceerde hij krijgswetenschappen aan het Instituut Defensie Leergangen (IDL) en was hij adjudant van Hare Majesteit de Koningin.

Zijn opvolger, de overste Brosky, neemt in een roerige periode het commando van 400 Gnkbat over. Volgens planning zal medio 2013/’14 het enige geneeskundige bataljon van de Koninklijke Landmacht (KL) reorganiseren als uitvloeisel van de in april 2011 aangekondigde bezuinigingen op Defensie.

Hierbij zal het aantal arbeidsplaatsen naar verwachting fors inkrimpen. 400 Gnkbat, één van de gevechts(verzorgings)steuneenheden van de "vierde brigade van de KL" - het Operationeel Ondersteuningscommando Land (OOCL) - zal uiteindelijk worden omgevormd tot een joint eenheid onder single service management van de KL.

Terug naar Boven of naar Homepage